Skip to content
Case Law · Rechtbank Midden-Nederland ·ECLI:NL:RBMNE:2026:6507 NL LLM context A cited markdown file you can paste into your AI assistant (ChatGPT, Claude, a RAG or project knowledge base) to ground it in this document. Contains: this document’s text, its sections with their topics, and the full text of every law provision it applies. Everything links back to its source on overview.legal — legal information, not advice.

Rechtbank Midden-Nederland, 27-08-2026 (UTR 26/6949)

Rechtbank Midden-Nederland
Summary

De rechtbank verklaart zich in deze uitspraak onbevoegd om van het beroep kennis te nemen, omdat Veilig Thuis Utrecht onderdeel is van een stichting en niet heeft gehandeld in de hoedanigheid van een bestuursorgaan.

Full text

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Bestuursrecht zaaknummer: UTR 26/6949 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 27 augustus 2026 in de zaak tussen [eiseres] , uit [plaats] , eiseres en Het bestuur van Veilig Thuis Utrecht, Veilig Thuis. Procesverloop 1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van eiseres. 2. Omdat de bestuursrechter kennelijk niet bevoegd is om op het beroep te beslissen, doet zij uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. Beoordeling door de rechtbank 3. Eiseres heeft Veilig Thuis verzocht om een afschrift van het volledige dossier van haar dochter [naam] met dossiernummer [nummer] . Op 27 juli 2026 heeft Veilig Thuis gedeeltelijke inzage gegeven. Veilig Thuis heeft namelijk inzage gegeven in het dossier maar daarin delen weggelakt. Eiseres is het daarmee niet eens en heeft beroep ingesteld. 4. Veilig Thuis heeft in het verweerschrift aangevoerd dat Veilig Thuis Utrecht geen bestuursorgaan is en dat de bestuursrechter daarom onbevoegd is om van het beroep kennis te nemen. Veilig Thuis heeft ter onderbouwing verwezen naar twee uitspraken van de rechtbank. 5. De rechtbank volgt het standpunt van Veilig Thuis. In de provincie Utrecht maakt Veilig Thuis Utrecht onderdeel uit van de stichting Samen Veilig Midden-Nederland. Dit is een privaatrechtelijk rechtspersoon. Bovendien is het inzageverzoek van eiseres gebaseerd op artikel 7.3.10 van de Jeugdwet. Uit artikel 7.3.17 van de Jeugdwet volgt dat de beslissing van Veilig Thuis over inzage en verstrekking van het dossier niet wordt genomen in de hoedanigheid van een bestuursorgaan. Het bericht van 27 juli 2026 is dan ook geen door een bestuursorgaan genomen besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb, zodat daar ingevolge artikel 8:1 van de Awb geen beroep tegen open staat bij de bestuursrechter. De bestuursrechter is daarom onbevoegd om van het beroep kennis te nemen. Eiseres kan wel een vordering bij de burgerlijke rechter instellen over dit geschil. 6. Voor een proceskostenvergoeding bestaat geen aanleiding. Beslissing De rechtbank verklaart zich onbevoegd om van het beroep kennis te nemen. Deze uitspraak is gedaan door mr. P.J. Blok, rechter, in aanwezigheid van mr.B.J. van Rossum, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 27 augustus 2026. griffier rechter Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op: Informatie over verzet Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden. Zie artikel 8:71 van de Algemene wet bestuursrecht