# Richtsnoeren 4/2019 inzake artikel 25 Gegevensbescherming door ontwerp en door standaardinstellingen

- Type: Guidance
- Source: EDPB
- Identifier: edpb-guidelines-privacy-by-design-en-default
- Date: 2019-01-01
- Original: https://edpb.europa.eu/system/files/2021-04/edpb_guidelines_201904_dataprotection_by_design_and_by_default_v2.0_nl.pdf
- Canonical: https://overview.legal/posts/38097
- Topics: Privacy by Design, Privacy by Default, Security, Privacy by Design & Default, Accountability, Controllers, Administrative Fines on Union Institutions, Bodies, Offices and Agencies, Anonymization, Anonymization, Accuracy

## Summary

De Europese Toezichtsautoriteit voor gegevensbescherming (EDPB) heeft in deze richtsnoeren de vereisten van artikel 25 AVG omtrent gegevensbescherming door ontwerp en door standaardinstellingen uiteengezet, na een openbare raadpleging vastgesteld op 20 oktober 2020. Het document verduidelijkt de verplichting van verwerkingsverantwoordelijken om passende technische en organisatorische maatregelen en waarborgen in te bouwen die de gegevensbeschermingsbeginselen doeltreffend uitvoeren en de rechten van betrokkenen beschermen. Deze richtsnoeren bevatten geen handhavingsmaatregelen of boetes, maar bieden privacyadvocaten en verwerkingsverantwoordelijken interpretatief kader voor de implementatie van privacy-by-designverplichtingen.

## Full text

<!-- image -->

## Richtsnoeren 4/2019 inzake artikel 25 Gegevensbescherming door ontwerp en door standaardinstellingen

Versie 2.0

Vastgesteld op 20 oktober 2020

Translations proofread by EDPB Members. This language version has not yet been proofread.

## Versiegeschiedenis

| Versie 1.0   | 13 november 2019   | Vaststelling van de richtsnoeren voor openbare raadpleging             |
|--------------|--------------------|------------------------------------------------------------------------|
| Versie 2.0   | 20 oktober 2020    | Vaststelling van de richtsnoeren door het EDPB na openbare raadpleging |

## Inhoudsopgave

| 1                                                                                                                                                                                                                                                                                            | Toepassingsgebied ...........................................................................................................................5                                                                                                                                               | Toepassingsgebied ...........................................................................................................................5                                                                                                                                               |
|----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------|----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------|----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------|
| 2 Analyse van artikel 25, leden 1 en 2, 'Gegevensbescherming door ontwerp en door standaardinstellingen' .............................................................................................................................6                                                      | 2 Analyse van artikel 25, leden 1 en 2, 'Gegevensbescherming door ontwerp en door standaardinstellingen' .............................................................................................................................6                                                      | 2 Analyse van artikel 25, leden 1 en 2, 'Gegevensbescherming door ontwerp en door standaardinstellingen' .............................................................................................................................6                                                      |
| 2.1 Artikel 25, lid 1: Gegevensbescherming door ontwerp ...........................................................6                                                                                                                                                                         | 2.1 Artikel 25, lid 1: Gegevensbescherming door ontwerp ...........................................................6                                                                                                                                                                         | 2.1 Artikel 25, lid 1: Gegevensbescherming door ontwerp ...........................................................6                                                                                                                                                                         |
| 2.1.1 De verplichting van de verwerkingsverantwoordelijke om passende technische en                                                                                                                                                                                                          | 2.1.1 De verplichting van de verwerkingsverantwoordelijke om passende technische en                                                                                                                                                                                                          | 2.1.1 De verplichting van de verwerkingsverantwoordelijke om passende technische en                                                                                                                                                                                                          |
| organisatorische maatregelen en noodzakelijke waarborgen in de verwerking in te bouwen ......6                                                                                                                                                                                               | organisatorische maatregelen en noodzakelijke waarborgen in de verwerking in te bouwen ......6                                                                                                                                                                                               | organisatorische maatregelen en noodzakelijke waarborgen in de verwerking in te bouwen ......6                                                                                                                                                                                               |
| 2.1.2 Ontworpen om de gegevensbeschermingsbeginselen op een doeltreffende manier uit                                                                                                                                                                                                         | 2.1.2 Ontworpen om de gegevensbeschermingsbeginselen op een doeltreffende manier uit                                                                                                                                                                                                         | 2.1.2 Ontworpen om de gegevensbeschermingsbeginselen op een doeltreffende manier uit                                                                                                                                                                                                         |
| te voeren en de rechten en vrijheden van betrokkenen te beschermen........................................7                                                                                                                                                                                  | te voeren en de rechten en vrijheden van betrokkenen te beschermen........................................7                                                                                                                                                                                  | te voeren en de rechten en vrijheden van betrokkenen te beschermen........................................7                                                                                                                                                                                  |
| 2.1.3 Elementen waarmee rekening moet worden gehouden.................................................8 2.1.4 Tijdsaspect......................................................................................................................11                                            | 2.1.3 Elementen waarmee rekening moet worden gehouden.................................................8 2.1.4 Tijdsaspect......................................................................................................................11                                            | 2.1.3 Elementen waarmee rekening moet worden gehouden.................................................8 2.1.4 Tijdsaspect......................................................................................................................11                                            |
| 2.2 Artikel 25, lid 2: Gegevensbescherming door standaardinstellingen....................................12                                                                                                                                                                                  | 2.2 Artikel 25, lid 2: Gegevensbescherming door standaardinstellingen....................................12                                                                                                                                                                                  | 2.2 Artikel 25, lid 2: Gegevensbescherming door standaardinstellingen....................................12                                                                                                                                                                                  |
| 2.2.1 Door standaardinstellingen worden alleen persoonsgegevens verwerkt die noodzakelijk zijn voor elk specifiek doel van de verwerking.........................................................12                                                                                          | 2.2.1 Door standaardinstellingen worden alleen persoonsgegevens verwerkt die noodzakelijk zijn voor elk specifiek doel van de verwerking.........................................................12                                                                                          | 2.2.1 Door standaardinstellingen worden alleen persoonsgegevens verwerkt die noodzakelijk zijn voor elk specifiek doel van de verwerking.........................................................12                                                                                          |
| 2.2.2                                                                                                                                                                                                                                                                                        | Dimensies van de verplichting van minimale                                                                                                                                                                                                                                                   | gegevensverwerking ..............................14                                                                                                                                                                                                                                          |
| gegevensbescherming door ontwerp en door standaardinstellingen...................................................16 3.1 Transparantie .........................................................................................................................16                            | Rechtmatigheid......................................................................................................................18                                                                                                                                                       |                                                                                                                                                                                                                                                                                              |
| 3.2 3.3                                                                                                                                                                                                                                                                                      | Behoorlijkheid ........................................................................................................................20                                                                                                                                                    |                                                                                                                                                                                                                                                                                              |
| 3.4                                                                                                                                                                                                                                                                                          | Doelbinding ............................................................................................................................22                                                                                                                                                   |                                                                                                                                                                                                                                                                                              |
|                                                                                                                                                                                                                                                                                              | Minimale gegevensverwerking..............................................................................................23                                                                                                                                                                  |                                                                                                                                                                                                                                                                                              |
| 3.5                                                                                                                                                                                                                                                                                          |                                                                                                                                                                                                                                                                                              |                                                                                                                                                                                                                                                                                              |
| 3.6 Juistheid .................................................................................................................................26 3.7 Opslagbeperking ....................................................................................................................28 | 3.6 Juistheid .................................................................................................................................26 3.7 Opslagbeperking ....................................................................................................................28 | 3.6 Juistheid .................................................................................................................................26 3.7 Opslagbeperking ....................................................................................................................28 |
| 3.9 Verantwoordingsplicht...........................................................................................................32 4 Artikel 25, lid 3: Certificering .........................................................................................................32        | 3.9 Verantwoordingsplicht...........................................................................................................32 4 Artikel 25, lid 3: Certificering .........................................................................................................32        | 3.9 Verantwoordingsplicht...........................................................................................................32 4 Artikel 25, lid 3: Certificering .........................................................................................................32        |
|                                                                                                                                                                                                                                                                                              | Handhaving van artikel 25 en gevolgen.........................................................................................33                                                                                                                                                             | Handhaving van artikel 25 en gevolgen.........................................................................................33                                                                                                                                                             |
| 6                                                                                                                                                                                                                                                                                            | Aanbevelingen................................................................................................................................33                                                                                                                                              | Aanbevelingen................................................................................................................................33                                                                                                                                              |
| 5                                                                                                                                                                                                                                                                                            |                                                                                                                                                                                                                                                                                              |                                                                                                                                                                                                                                                                                              |

## Het Europees Comité voor gegevensbescherming

Gezien artikel 70, lid 1, onder e), van Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad  van  27 april  2016  betreffende  de  bescherming  van  natuurlijke  personen  in  verband  met  de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (hierna 'AVG' genoemd),

Gezien de EER-Overeenkomst en met name bijlage XI en Protocol 37 daarvan, zoals gewijzigd bij Besluit nr. 154/2018 van het Gemengd Comité van de EER van 6 juli 2018,

Gezien artikel 12 en artikel 22 van zijn reglement van orde,

## HEEFT DE VOLGENDE RICHTSNOEREN VASTGESTELD

## Samenvatting

In een steeds sterker gedigitaliseerde wereld speelt naleving van voorschriften inzake gegevensbescherming  door  ontwerp  en  door  standaardinstellingen  een  zeer  belangrijke  rol  bij  de bevordering van privacy en gegevensbescherming in de samenleving. Daarom is het essentieel dat verwerkingsverantwoordelijken deze verantwoordelijkheid serieus nemen en de AVG-verplichtingen uitvoeren wanneer zij verwerkingsactiviteiten ontwerpen.

Deze  richtsnoeren  bieden  algemene  hulp  bij  de  in  artikel 25  van  de  AVG  beschreven  verplichte gegevensbesc herming  door  ontwerp  en  door  standaardinstellingen  (hierna  'DPbDD'  genoemd). DPbDD  is  een  verplichting  voor  alle  verwerkingsverantwoordelijken,  ongeacht  de  omvang  en complexiteit  van  de  verwerking.  Om  de  voorschriften  inzake  DPbDD  te  kunnen  uitvoeren  is  het essentieel  dat  de  verwerkingsverantwoordelijke  de  beginselen  van  gegevensbescherming  en  de rechten en vrijheden van betrokkenen begrijpt.

De belangrijkste verplichting is de uitvoering van passende maatregelen en de nodige waarborgen om te zorgen voor doeltreffende uitvoering van de beginselen van gegevensbescherming en zo de rechten en vrijheden van betrokkenen door ontwerp en door standaardinstellingen te waarborgen. In artikel 25 worden zowel elementen van ontwerp als van standaardinstellingen beschreven waarmee rekening moet worden gehouden. Die elementen worden in deze richtsnoeren verder uitgewerkt.

Krachtens artikel 25, lid 1, moeten verwerkingsverantwoordelijken DPbDD vroegtijdig in aanmerking nemen bij het plannen van een nieuwe verwerkingsactiviteit. Verwerkingsverantwoordelijken moeten DPbDD voor én tijdens de verwerking uitvoeren door de doeltreffendheid van de gekozen maatregelen en waarborgen regelmatig te evalueren. DPbDD is ook van toepassing op bestaande systemen die persoonsgegevens verwerken.

De richtsnoeren omvatten tevens een leidraad voor de doeltreffende uitvoering van de in artikel 5 genoemde beginselen inzake verwerking van persoonsgegevens, met een overzicht van belangrijke ontwerp- en standaardinstellingselementen en praktijksituaties ter illustratie. De verwerkingsverantwoordelijke moet nadenken over de geschiktheid van de voorgestelde maatregelen in de context van de betreffende verwerking.

Het EDPB doet aanbevelingen over de wijze waarop verwerkingsverantwoordelijken, verwerkers en producenten kunnen samenwerken om DPbDD te bewerkstelligen. Het moedigt de verwerkingsverantwoordelijken uit de sector, de verwerkers en de producenten aan DPbDD bij de marketing van hun producten richting verwerkingsverantwoordelijken en betrokkenen te gebruiken als middel om een concurrentievoordeel te behalen. Ook moedigt het alle verwerkingsverantwoordelijken aan gebruik te maken van certificeringen en gedragscodes.

## 1 TOEPASSINGSGEBIED

1. In de richtsnoeren ligt de nadruk op de uitvoering van DPbDD door verwerkingsverantwoordelijken op basis  van  de  verplichting  uit  artikel 25  van  de  AVG. 1 Voor  andere  actoren,  zoals  verwerkers  en producenten  van  producten,  diensten  en  toepassingen  (hierna  'producenten'  genoemd),  die  niet rechtstreeks aan bod komen in artikel 25, kunnen deze richtsnoeren ook nuttig zijn om producten te ontwikkelen die aan de AVG voldoen, en diensten op te zetten die verwerkingsverantwoordelijken in staat stellen om aan hun gegevensbeschermingsverplichtingen te voldoen. 2  In overweging 78 van de AVG wordt toegevoegd dat rekening moet worden gehouden met DPbDD in het kader van openbare aanbestedingen.  Hoewel  alle  verwerkingsverantwoordelijken  DPbDD  in  hun  verwerkingen  moeten opnemen,  bevordert  deze  bepaling  de  vaststelling  van  de  beginselen  van  gegevensbescherming, waarbij overheidsinstanties het goede voorbeeld moeten geven. De verwerkingsverantwoordelijke is verantwoordelijk  voor  de  naleving  van  de  DPbDD-verplichtingen  voor  de  door  zijn  verwerkers  en subverwerkers uitgevoerde verwerking en moet hier dus rekening mee houden bij het inhuren van deze partijen.
2. Het in artikel 25 beschreven voorschrift is dat verwerkingsverantwoordelijken gegevensbescherming moeten opnemen in de verwerking van persoonsgegevens, door ontwerp en als standaardinstelling. Dit geldt gedurende de gehele verwerkingscyclus. De eis van DPbDD geldt ook voor verwerkingssystemen die al bestonden voordat de AVG in werking trad. Verwerkingsverantwoordelijken moeten voortdurend zorgen dat de verwerking strookt met de AVG. Zie punt 2.1.4 van deze richtsnoeren voor meer informatie over hoe een systeem in overeenstemming met  DPbDD  kan  worden  gehouden.  De  kern  van  de  bepaling  is  te  zorgen  voor  een passende en doeltreffende gegevensbescherming,  zowel  door ontwerp als  door standaardinstellingen ,  wat betekent dat verwerkingsverantwoordelijken moeten kunnen aantonen dat zij bij de verwerking over passende maatregelen en waarborgen beschikken om ervoor te zorgen dat de gegevensbeschermingsbeginselen en de rechten en vrijheden van betrokkenen doeltreffend zijn.
3. In  hoofdstuk 2  van  de  richtsnoeren  wordt  ingegaan  op  een  interpretatie  van  de  voorschriften  uit artikel 25  en  worden  de  wettelijke  verplichtingen  onderzocht  die  door  deze  bepaling  worden


2  In overweging 78 van de AVG wordt deze behoefte duidelijk ver meld: ' Bij de ontwikkeling, de uitwerking, de keuze en het gebruik van toepassingen, diensten en producten die zijn gebaseerd op de verwerking van persoonsgegevens, of die persoonsgegevens verwerken bij de uitvoering van hun opdracht, dienen de producenten van de producten, diensten en toepassingen te worden gestimuleerd om bij de ontwikkeling en de uitwerking van dergelijke producten, diensten en toepassingen rekening te houden met het recht op bescherming van persoonsgegevens en, met inachtneming van de stand van de techniek, erop toe te zien dat de verwerkingsverantwoordelijken en de verwerkers in staat zijn te voldoen aan hun verplichtingen inzake gegevensbescherming '.

- ingevoerd. Voorbeelden van de manier waarop DPbDD in het kader van specifieke gegevensbeschermingsbeginselen kan worden toegepast, worden verstrekt in hoofdstuk 3.
4. In de richtsnoeren wordt, in hoofdstuk 4, ook de mogelijkheid behandeld om een certificeringsmechanisme tot stand te brengen om aan te tonen dat artikel 25 wordt nageleefd. In hoofdstuk 5  wordt  ingegaan  op  de  manier  waarop  het  artikel  kan  worden  gehandhaafd  door  de toezichthoudende  autoriteiten.  Tot  slot  bevatten  de  richtsnoeren  verdere  aanbevelingen  voor belanghebbenden om DPbDD met succes uit te voeren. Het EDPB erkent de uitdagingen die het voor kleine  en  middelgrote  ondernemingen  (hierna  'kmo's'  genoemd)  oplevert  wanneer  zij  aan  de verplichtingen inzake DPbDD moeten voldoen, en neemt in hoofdstuk 6 aanvullende aanbevelingen voor kmo's op.

## 2 ANALYSE VAN ARTIKEL 25, LEDEN 1 EN 2, 'GEGEVENSBESCHERMING DOOR ONTWERP EN DOOR STANDAARDINSTELLINGEN'

5. Het doel van dit hoofdstuk is de voorschriften voor gegevensbescherming door ontwerp uit artikel 25, lid 1, en voor gegevensbescherming door standaardinstellingen uit artikel 25, lid 2, te onderzoeken en hiervoor richtsnoeren te verstrekken. Gegevensbescherming door ontwerp en gegevensbescherming door standaardinstellingen zijn complementaire concepten die elkaar versterken. Betrokkenen zullen meer profijt hebben van gegevensbescherming door standaardinstellingen als er ook sprake is van gegevensbescherming door ontwerp -en vice versa.
6. DPbDD is een vereiste voor alle verwerkingsverantwoordelijken, van kleine bedrijven tot multinationale ondernemingen. Daarom kan de complexiteit van DPbDD verschillen afhankelijk van de desbetreffende verwerkingshandeling. DPbDD kan echter in alle gevallen, ongeacht de omvang van de organisatie, voordelen opleveren voor de verwerkingsverantwoordelijke en de betrokkene.

## 2.1 Artikel 25, lid 1: Gegevensbescherming door ontwerp

- 2.1.1 De verplichting van de verwerkingsverantwoordelijke om passende technische en organisatorische maatregelen en noodzakelijke waarborgen in de verwerking in te bouwen
7. Overeenkomstig  artikel 25,  lid 1,  moet  de  verwerkingsverantwoordelijke passende technische  en organisatorische maatregelen treffen die zijn ontworpen om de gegevensbeschermingsbeginselen uit te voeren en de nodige waarborgen in de verwerking inbouwen ter naleving van de voorschriften en ter  bescherming  van  de  rechten  van  de  betrokkenen.  Zowel  de  passende  maatregelen  als  de noodzakelijke waarborgen dienen hetzelfde doel, namelijk de rechten van betrokkenen beschermen en ervoor zorgen dat de bescherming van persoonsgegevens in de verwerking is ingebouwd.
8. Technische  en  organisatorische  maatregelen en  noodzakelijke waarborgen kunnen  in  ruime  zin worden opgevat  als  elke  methode  die  of  elk  middel  dat  een  verwerkingsverantwoordelijke  bij  de verwerking  kan  toepassen. Passend houdt  in  dat  de  maatregelen  en  noodzakelijke  waarborgen geschikt moeten zijn voor het beoogde doel, oftewel dat hiermee de

gegevensbeschermingsbeginselen op een doeltreffende manier worden uitgevoerd 3 . De vereiste van geschiktheid hangt dus nauw samen met de vereiste van doeltreffendheid.

9. Een  technische  of  organisatorische  maatregel  of  waarborg  kan  alles  zijn  van  de  toepassing  van geavanceerde technische oplossingen tot de basisopleiding van personeel. Voorbeelden van mogelijk geschikte maatregelen en waarborgen, afhankelijk van de context en de risico's van de betreffende verwerking, zijn: pseudonimisering van persoonsgegevens 4 ; opslag van beschikbare persoonsgegevens in een gestructureerde, voor de meeste machines leesbare vorm; betrokkenen de mogelijkheid geven in te grijpen in de verwerking; informatie verstrekken over de opslag van persoonsgegevens; systemen voor malwaredetectie; werknemers opleiden op het gebied van basale 'cyberhygiëne'; beheersystemen voor privacy en informatiebeveiliging invoeren; verwerkers contractueel verplichten specifieke praktijken voor minimale gegevensverwerking in te voeren enz.
10. Normen, beste praktijken en gedragscodes die worden erkend door verenigingen en andere organen die categorieën verwerkingsverantwoordelijken vertegenwoordigen, kunnen van pas komen bij het vaststellen van passende maatregelen. De verwerkingsverantwoordelijke moet echter controleren of de maatregelen geschikt zijn voor de betreffende verwerking.

## 2.1.2 Ontworpen om de gegevensbeschermingsbeginselen op een doeltreffende manier uit te voeren en de rechten en vrijheden van betrokkenen te beschermen

11. De gegevensbeschermingsbeginselen (hierna 'de beginselen' genoemd) staan in artikel 5. De rechten en  vrijheden  van  betrokkenen zijn  de  grondrechten  en  de  fundamentele  vrijheden  van  natuurlijke personen  en  met  name  hun  recht  op  bescherming  van  persoonsgegevens  (hierna  'de  rechten' genoemd). De bescherming van deze rechten wordt in artikel 1, lid 2, beschreven als het doel van de AVG 5 .  De  precieze  bewoording  hiervan  is  te  vinden  in  het  Handvest  van  de  grondrechten  van  de Europese Unie. Het is cruciaal dat de verwerkingsverantwoordelijke de betekenis van de beginselen en de rechten begrijpt, aangezien deze de basis vormen voor de bescherming die de AVG biedt, in het bijzonder via de DPbDD-verplichting.
12. Bij de uitvoering van de passende technische en organisatorische maatregelen moeten de maatregelen en waarborgen worden ontworpen met inachtneming van de doeltreffende uitvoering van elk van de bovengenoemde beginselen en de daaruit voortkomende bescherming van de rechten.

## Werken aan doeltreffendheid

13. Doeltreffendheid staat centraal bij het concept van gegevensbescherming door ontwerp. De vereiste om de beginselen op een doeltreffende manier uit te voeren betekent dat verwerkingsverantwoordelijken  de  maatregelen  en  waarborgen  moeten  uitvoeren  die  voor  de bescherming van deze beginselen noodzakelijk zijn, om zo de rechten van betrokkenen te beschermen. Iedere uitgevoerde maatregel moet de beoogde resultaten opleveren voor de door de verwerkingsverantwoordelijke voorziene verwerking. Uit deze beschouwing komen twee dingen voort.
14. Ten eerste betekent dit dat er op grond van artikel 25 geen specifieke technische en organisatorische maatregelen verplicht zijn. De maatregelen en waarborgen moeten veeleer specifiek worden gekozen met het oog op de uitvoering van gegevensbeschermingsbeginselen bij de desbetreffende verwerking. Daarbij moeten de maatregelen en waarborgen zo worden ontworpen dat zij robuust zijn en dat de

3 'Doeltreffendheid' komt hieronder aan bod in punt 2.1.2.

4 Gedefinieerd in artikel 4, lid 5, van de AVG.

5  Zie overweging 4 van de AVG.

verwerkingsverantwoordelijke  verdere  maatregelen  kan  invoeren  naar  aanleiding  van  eventuele toenamen van risico's 6 . Of maatregelen al dan niet doeltreffend zijn, hangt dus af van de context van de verwerking in kwestie en een beoordeling van bepaalde elementen die in acht moeten worden genomen bij het bepalen van de middelen van de verwerking. De bovengenoemde elementen komen in punt 2.1.3 aan bod.

15. Ten tweede moeten verwerkingsverantwoordelijken kunnen aantonen dat de beginselen in acht zijn genomen.
16. De  uitgevoerde  maatregelen  en  waarborgen  moeten  het  gewenste  effect  hebben  in  termen  van gegevensbescherming, en de verwerkingsverantwoordelijke moet over documentatie beschikken van de uitgevoerde technische en organisatorische maatregelen 7 . Hiertoe kan de verwerkingsverantwoordelijke passende kernprestatieindicatoren (KPI's) vaststellen om de doeltreffendheid  aan  te  tonen.  Een  KPI  is  een  door  de  verwerkingsverantwoordelijke  gekozen meetbare waarde die aantoont hoe doeltreffend de verwerkingsverantwoordelijke zijn doelstelling inzake gegevensbescherming verwezenlijkt. KPI's kunnen kwantitatief zijn, zoals het percentage valse positieven  of  valse  negatieven,  afname  van  klachten  of  vermindering  van  de  reactietijd  wanneer betrokkenen hun rechten uitoefenen, of kwalitatief , zoals beoordelingen van prestaties, gebruik van indelingsschema's of deskundige beoordelingen. In plaats van KPI's kunnen verwerkingsverantwoordelijken de doeltreffende uitvoering van de beginselen ook aantonen door de gedachte achter hun beoordeling van de doeltreffendheid van de gekozen maatregelen en waarborgen uiteen te zetten.

## 2.1.3 Elementen waarmee rekening moet worden gehouden

17. Artikel 25,  lid 1,  bevat  een  overzicht  van  elementen  waarmee  de  verwerkingsverantwoordelijke rekening moet houden bij het vaststellen van de maatregelen voor een specifieke verwerkingsactiviteit.  In  de  onderstaande  punten  worden  richtsnoeren  gegeven  voor  de  manier waarop  deze  elementen  kunnen  worden  toegepast  in  het  ontwerpproces,  met  inbegrip  van  het ontwerp van de standaardinstellingen. Deze elementen dragen allemaal bij aan de vaststelling of een maatregel passend is om de beginselen doeltreffend uit te voeren. De afzonderlijke elementen vormen dus  geen  doel  op  zich,  maar  zijn  factoren  waarmee  rekening  moet  worden  gehouden  om  de doelstelling te verwezenlijken.

## 2.1.3.1 'stand van de techniek'

18. Het concept 'stand van de techniek' komt voor in het EU -acquis over verschillende onderwerpen, bijvoorbeeld  milieubescherming  en  product veiligheid.  In  de  AVG  wordt  naar  de  'stand  van  de


7  Zie de overwegingen 74 en 78.

techniek' 8 verwezen in artikel 32, voor veiligheidsmaatregelen, 9 10 maar ook in artikel 25, waardoor deze  benchmark  wordt  uitgebreid  naar  alle  technische  en  organisatorische  maatregelen  die  in  de verwerking zijn ingebed.

19. In het kader van artikel 25 legt de verwijzing naar 'stand van de techniek' verwerkingsverantwoordelijken  bij  het  bepalen  van  de  passende  technische  en  organisatorische maatregelen een verplichting op om rekening te houden met de huidige vooruitgang in technologie die op de markt beschikbaar is. Dit betekent dat verwerkingsverantwoordelijken op de hoogte moeten zijn en blijven van technologische ontwikkelingen, de gegevensbeschermingsrisico's en -mogelijkheden  die  technologie  met  zich  kan  meebrengen  voor  de  verwerkingsactiviteit,  en  de methode om de maatregelen en waarborgen uit te voeren en bij te werken die een doeltreffende uitvoering van de beginselen en rechten van de betrokkenen verzekeren, met inachtneming van het veranderende technologische landschap.
20. De 'stand van de techniek' is een dynamisch concept dat niet op enig moment statisch kan worden vastgesteld,  maar voortdurend moet  worden  beoordeeld  in de context van technologische vooruitgang. In het licht van technologische ontwikkelingen kan een verwerkingsverantwoordelijke vaststellen dat een maatregel die in het verleden een adequaat niveau van bescherming bood, niet langer toereikend is. Nalaten om op de hoogte te blijven van technologische veranderingen zou dus kunnen leiden tot niet-naleving van artikel 25.
21. Het criterium van de 'stand van de techniek' geldt niet alleen voor technologische, maar ook voor organisatorische  maatregelen.  Een  gebrek  aan  passende  organisatorische  maatregelen  kan  de doeltreffendheid van een gekozen technologie verminderen of zelfs volledig ondermijnen. Voorbeelden van organisatorische maatregelen zijn: vaststelling van intern beleid; actuele opleiding over technologie, beveiliging en gegevensbescherming; en beleid inzake de governance en het beheer van IT-beveiliging.
22. Bestaande en erkende kaders, normen, certificeringen, gedragscodes enz. uit verschillende domeinen kunnen  een  rol  spelen  bij  het  aanduiden  van  de  'stand  van  de  techniek'  binnen  het  betreffende toepassingsgebied. Als er dergelijke normen zijn en deze een hoge mate van bescherming bieden voor de  betrokkene  die  strookt  met -of  zelfs  verder  gaat  dan -de  wettelijke  voorschriften,  moeten verwerkingsverantwoordelijken deze in acht nemen  bij het ontwerp  en de uitvoering van gegevensbeschermingsmaatregelen.

## 2.1.3.2 'uitvoeringskosten'

23. De verwerkingsverantwoordelijke kan rekening houden met de uitvoeringskosten bij het kiezen en toepassen van passende technische en organisatorische maatregelen en noodzakelijke waarborgen


https://germanlawarchive.iuscomp.org/?p=67. Dit kan de basis vormen voor een methodologie voor een objectieve definiëring van het concept. Op basis daarvan zou het technologieniveau van de 'stand van de techniek' worden geïdentificeerd tussen het technologieniveau van 'bestaande wetenschappelijke kennis en onderzoek' en de meer gevestigde 'algemeen aanvaarde technologieregels'. De 'stand van de techniek' kan bijgevolg worden geïdentificeerd als het technologieniveau van diensten, technologieën of producten die op de markt bestaan en het doeltreffendst zijn om de vastgestelde doelstellingen te bereiken.



die voor doeltreffende uitvoering van de beginselen zorgen ter bescherming van de rechten van de betrokkenen. De kosten verwijzen naar middelen in het algemeen, ook tijd en personele middelen.

24. Het kostenelement houdt in dat de verwerkingsverantwoordelijke geen onevenredige hoeveelheid middelen hoeft te besteden wanneer er andere maatregelen bestaan die minder middelen in beslag nemen, maar ook doeltreffend zijn. De kosten van de uitvoering vormen echter slechts een factor waarmee rekening kan worden gehouden bij de uitvoering van gegevensbescherming door ontwerp, geen reden om deze vorm van gegevensbescherming niet uit te voeren.
25. De gekozen maatregelen moeten er dus voor zorgen dat de beginselen, ongeacht het kostenaspect, niet worden geschonden bij de verwerking van persoonsgegevens binnen door de verwerkingsverantwoordelijke voorziene verwerkingsactiviteiten. Verwerkingsverantwoordelijken moeten in staat zijn de totale kosten zo te beheren dat zij alle beginselen op een doeltreffende manier kunnen uitvoeren en dus de rechten kunnen beschermen.

## 2.1.3.3 'aard, omvang, context en doel van de verwerking'

26. Verwerkingsverantwoordelijken moeten bij de vaststelling van noodzakelijke maatregelen rekening houden met de aard, de omvang, de context en het doel van de verwerking.
27. Deze factoren moeten in lijn met hun functie in andere bepalingen van de AVG, zoals de artikelen 24, 32 en 35, worden geïnterpreteerd, met het oog op het inbouwen van gegevensbeschermingsbeginselen in de verwerking.
28. Kortom,  het  concept  van  de aard kan  worden  opgevat  als  de  inherente 11   kenmerken  van  de verwerking. De omvang verwijst naar de grootte en het bereik van de verwerking. De context houdt verband  met  de  omstandigheden  van  de  verwerking,  die  een  invloed  kunnen  uitoefenen  op  de verwachtingen  van  de  betrokkene,  terwijl  het doel betrekking  heeft  op  de  doelstellingen  van  de verwerking.

## 2.1.3.4 'qua waarschijnlijkheid en ernst uiteenlopende risico's voor de rechten en vrijheden van natuurlijke personen welke aan de verwerking zijn verbonden'

29. In de AVG wordt een coherente risicogebaseerde benadering gehanteerd in veel bepalingen van de artikelen 24,  25,  32  en  35,  teneinde  passende  technische  en  organisatorische  maatregelen  te identificeren om individuen en hun persoonsgegevens te beschermen en aan de voorschriften van de AVG te voldoen. De te beschermen activa zijn steeds hetzelfde (de individuen, via de bescherming van hun  persoonsgegevens),  met  dezelfde  risico's  (voor  de  rechten  van  de  individuen)  en  met inachtneming van dezelfde voorwaarden (aard, omvang, context en doel van de verwerking).
30. Bij het uitvoeren van de risicoanalyse voor de naleving van artikel 25 moet de verwerkingsverantwoordelijke de risico's voor de rechten van betrokkenen identificeren die schending van  de  beginselen  met  zich  meebrengt,  en  bepalen  hoe  waarschijnlijk  en  hoe  ernstig  deze  zijn, teneinde maatregelen uit te voeren waarmee de vastgestelde risico's op doeltreffende wijze worden beperkt. Een systematische en grondige evaluatie van de verwerking is essentieel bij de uitvoering van risicobeoordelingen. Bijvoorbeeld: e en verwerkingsverantwoordelijke beoordeelt de specifieke risico's

11  Voorbeelden zijn bijzondere categorieën persoonsgegevens, automatische besluitvorming, scheve machtsverhoudingen, onvoorspelbare verwerking, belemmeringen voor de betrokkene bij het uitoefenen van de rechten enz.

van  een  gebrek aan vrijelijk  gegeven  toestemming -een  schending  van het beginsel van rechtmatigheid -bij een verwerking van persoonsgegevens van kinderen en jongeren tot 18 jaar als kwetsbare groep waarbij geen andere rechtsgrond bestaat, en voert passende maatregelen uit om de vastgestelde risico's in verband met deze groep betrokkenen aan te pakken en op doeltreffende wijze te beperken.

31. De 'Richtsnoeren betreffende gegevensbeschermingseffectbeoordeling van het EDPB' 12 , die gericht zijn op het bepalen of het waarschijnlijk is dat een verwerkingsactiviteit tot een hoger risico leidt voor de betrokkene, bevatten ook richtlijnen over de manier waarop gegevensbeschermingsrisico's kunnen worden beoordeeld en de manier waarop een gegevensbeschermingsrisicobeoordeling kan worden uitgevoerd. Deze richtsnoeren kunnen ook nuttig zijn tijdens de risicobeoordeling in alle bovenvermelde artikelen, waaronder artikel 25.
32. De risicogebaseerde benadering sluit het gebruik van referentiekaders, beste praktijken en normen niet uit. Deze kunnen een nuttig pakket van instrumenten vormen waarmee verwerkingsverantwoordelijken soortgelijke risico's in soortgelijke situaties (aard, omvang, context en doel van de verwerking) kunnen aanpakken. Niettemin blijft de verplichting uit artikel 25 (evenals de artikelen 24 en 32 en artikel 35, lid 7, onder c)) om rekening te houden met ' de qua waarschijnlijkheid en ernst uiteenlopende risico's voor de rechten en vrijheden van n atuurlijke personen welke aan de verwerking zijn verbonden ' bestaan. Om die reden moeten verwerkingsverantwoordelijken, hoewel zij door dergelijke instrumenten worden ondersteund, steeds per geval een gegevensbeschermingsrisicobeoordeling uitvoeren van de verwerking in kwestie en de doeltreffendheid  van  de  voorgestelde  passende  maatregelen  en  waarborgen  nagaan.  Het  kan vervolgens  nodig  zijn  een  nieuwe  gegevensbeschermingseffectbeoordeling  toe  te  voegen  of  een bestaande bij te werken.

## 2.1.4 Tijdsaspect

## 2.1.4.1 Bij de bepaling van de verwerkingsmiddelen

33. Gegevensbescherming door ontwerp moet worden uitgevoerd ' bij de bepaling van de verwerkingsmiddelen '.
34. De ' verwerkingsmiddelen ' variëren van de algemene tot de gedetailleerde ontwerpelementen van de verwerking,  met  inbegrip  van  de  architectuur,  de  procedures,  de  protocollen,  de  opmaak  en  de algemene indruk.
35. Met  ' bij  de  bepaling  van  de  verwerkingsmiddelen '  wordt  verwezen  naar  de  periode  waarin  de verwerkingsverantwoordelijke beslist op welke manier de verwerking zal worden uitgevoerd, hoe de verwerking  zal  worden  vormgegeven  en  welke  mechanismen  er  bij  de  verwerking  zullen  worden gebruikt. Tijdens dit besluitvormingsproces moet de verwerkingsverantwoordelijke passende maatregelen  en  waarborgen  inschatten  om  de  beginselen  en  rechten  van  de  betrokkenen  op doeltreffende wijze in de verwerking in te bouwen, en moet hij rekening houden met elementen zoals de stand van de techniek, de uitvoeringskosten, de aard, de omvang, de context, het doel en de risico's.


ec.europa.eu/newsroom/document.cfm?doc\_id=47711, goedgekeurd door het EDPB.

Dit omvat ook het moment waarop de gegevensverwerkingssoftware, -hardware en -diensten worden aanbesteed en uitgevoerd.

36. In  een  vroeg  stadium  nadenken  over  DPbDD  is  essentieel  voor  een  geslaagde  uitvoering  van  de beginselen  en  voor  bescherming  van  de rechten van  de  betrokkenen. Vanuit  een  kostenbatenperspectief is het bovendien in het belang van de verwerkingsverantwoordelijke om in een zo vroeg mogelijk stadium over DPbDD na te denken, aangezien het lastig en kostbaar kan zijn om later plannen die reeds zijn gemaakt en verwerkingsactiviteiten die reeds zijn ontworpen, weer te wijzigen.

## 2.1.4.2 Bij de verwerking zelf (instandhouding en herziening van gegevensbeschermingsvoorschriften)

37. Wanneer de verwerking van start is gegaan, heeft de verwerkingsverantwoordelijke de doorlopende verplichting  om  DPbDD  in  stand  te  houden,  oftewel  te  zorgen  voor  voortdurende  doeltreffende uitvoering van de beginselen ter bescherming van de rechten, op de hoogte te blijven van de stand van de techniek, het risiconiveau opnieuw te beoordelen enz. De aard, de omvang en de context van verwerkingsactiviteiten,  evenals  het  bijbehorende  risico,  kunnen  in  de  loop  van  de  verwerking veranderen, wat betekent dat de verwerkingsverantwoordelijke de verwerkingsactiviteiten telkens opnieuw moet beoordelen via regelmatige evaluaties en beoordelingen van de doeltreffendheid van de gekozen maatregelen en waarborgen.
38. De  verplichting  om  de  verwerkingsactiviteit  te  onderhouden,  te  evalueren  en,  indien  nodig,  te actualiseren  geldt  ook  voor  reeds  bestaande  systemen.  Dat  betekent  dat  legacysystemen  die  zijn ontworpen vóór de inwerkingtreding van de AVG, moeten worden geëvalueerd en onderhouden ter waarborging van de uitvoering van maatregelen en waarborgen waarmee de beginselen en de rechten van  betrokkenen  op  een  doeltreffende  manier  worden  uitgevoerd  en  beschermd,  zoals  in  deze richtsnoeren beschreven.
39. Deze verplichting heeft ook betrekking op alle verwerkingen die worden uitgevoerd via gegevensverwerkers. De activiteiten van verwerkers moeten regelmatig door de verwerkingsverantwoordelijke  worden geëvalueerd en  beoordeeld  om ervoor te  zorgen dat ze de ononderbroken naleving van de beginselen mogelijk maken en de verwerkingsverantwoordelijke in staat stellen zijn verplichtingen in dit verband na te komen.

## 2.2 Artikel 25, lid 2: Gegevensbescherming door standaardinstellingen

## 2.2.1 Door standaardinstellingen worden alleen persoonsgegevens verwerkt die noodzakelijk zijn voor elk specifiek doel van de verwerking

40. Een  'standaardinstelling'  zoals  doorgaans  gedefinieerd  in informatica  (computerwetenschappen), verwijst naar de reeds bestaande of vooraf geselecteerde waarde van een configureerbare instelling die is toegekend aan een applicatie, computerprogramma of apparaat. Dergelijke instellingen worden ook 'voorinstellingen' of 'fabrieksinstellingen' genoemd, met name bij elektronische apparaten.
41. De term 'door standaardinstellingen' duidt bij de verwerking van persoonsgegevens dus op het maken van  keuzen  in  verband  met  de  configuratiewaarden  of  verwerkingsopties  die  zijn  ingesteld  of voorgeschreven  in  een  verwerkingssysteem,  zoals  een  applicatie,  dienst  of  apparaat,  of  in  een handmatige verwerkingsprocedure, en die van invloed zijn op de hoeveelheid persoonsgegevens die wordt  verzameld,  de  mate  waarin  deze  worden  verwerkt,  hoe  lang  deze  worden  bewaard  en  in hoeverre deze toegankelijk zijn.

42. Het is de verantwoordelijkheid van de verwerkingsverantwoordelijke om dusdanige standaardinstellingen voor de verwerking te kiezen en door te voeren dat er standaard uitsluitend verwerkingen worden uitgevoerd die strikt noodzakelijk zijn voor het gestelde, wettige doel. Daarvoor moeten verwerkingsverantwoordelijken vertrouwen op hun beoordeling van de noodzakelijkheid van de  verwerking  met  betrekking  tot  de  rechtsgronden  uit  artikel 6,  lid 1.  Dit  houdt  in  dat  de verwerkingsverantwoordelijke standaard niet meer gegevens verzamelt dan nodig is, de verzamelde gegevens niet in grotere mate verwerkt dan nodig is voor het beoogde doel, en de gegevens niet langer dan  nodig  bewaart.  De  basiseis  is  dat  gegevensbescherming  via  de  standaardinstellingen  in  de verwerking is ingebouwd.
43. De  verwerkingsverantwoordelijke  moet  vooraf  bepalen  voor  welke  welbepaalde,  uitdrukkelijk omschreven  en  gerechtvaardigde doelstellingen de persoonsgegevens  worden  verzameld  en verwerkt. 13 De  maatregelen  moeten  in  beginsel  passend  zijn  om  ervoor  te  zorgen  dat  alleen  de persoonsgegevens  worden  verwerkt  die  noodzakelijk  zijn  voor  elke  specifieke  doelstelling  van  de verwerking. De EDPS-richtsnoeren om de noodzakelijkheid en evenredigheid van maatregelen die het recht op gegevensbescherming beperken voor persoonsgegevens te beoordelen, kunnen ook nuttig zijn  om  te  beslissen  welke  gegevens  moeten  worden  verwerkt  om  een  specifieke  doelstelling  te bereiken. 14 15 16
44. Als  de  verwerkingsverantwoordelijke  software  van  derden  of  in  de  handel  verkrijgbare  software gebruikt, moet hij een risicobeoordeling voor het betreffende product uitvoeren en ervoor zorgen dat functies  die  geen  rechtsgrond  hebben  of  niet  stroken  met  het  beoogde  doel  van  de  verwerking, uitgeschakeld zijn.
45. Dezelfde  overwegingen  gelden  voor  organisatorische  maatregelen  die  de  verwerkingsactiviteiten ondersteunen. Deze moeten zodanig worden ontworpen dat ze vanaf het begin alleen de minimale hoeveelheid persoonsgegevens verwerken die noodzakelijk is voor de specifieke activiteiten. In het bijzonder moet hiermee rekening worden gehouden bij het verlenen van toegang tot de gegevens aan personeelsleden met verschillende functies en verschillende toegangsbehoeften.
46. Passende 'technische en organisatorische maatregelen' in het kader van gegevensbescherming door standaardinstellingen wordt dus op dezelfde manier opgevat als hierboven in punt 2.1.1 besproken, maar specifiek toegepast op de uitvoering van het beginsel van minimale gegevensverwerking.
47. De bovengenoemde verplichting om uitsluitend persoonsgegevens te verwerken die noodzakelijk zijn voor elke specifieke doelstelling, geldt voor de onderstaande elementen.

13 Artikel 5, lid 1, onder b) tot en met e), van de AVG.


edps.europa.eu/sites/edp/files/publication/19-02-25\_proportionality\_guidelines\_en.pdf


toolkit\_en


29/documentation/opinion-recommendation/files/2014/wp217\_nl.pdf

## 2.2.2 Dimensies van de verplichting van minimale gegevensverwerking

48. In artikel 25, lid 2, worden de dimensies van de verplichting van minimale gegevensverwerking voor standaardverwerking beschreven. Hier staat dat de verplichting geldt voor de hoeveelheid verzamelde persoonsgegevens, de mate waarin zij worden verwerkt, de termijn waarvoor zij worden opgeslagen en de toegankelijkheid daarvan.

## 2.2.2.1 'hoeveelheid verzamelde persoonsgegevens'

49. Verwerkingsverantwoordelijken moeten zowel het volume van de persoonsgegevens als de soorten, de categorieën en het detailniveau van de persoonsgegevens in acht nemen die vereist zijn voor de verwerkingsdoeleinden. Bij hun keuzen inzake ontwerp moeten zij rekening houden met de verhoogde risico's  voor  de  beginselen  van  integriteit  en  vertr ouwelijkheid,  minimale  gegevensverwerking  en opslagbeperking wanneer er grote hoeveelheden gedetailleerde persoonsgegevens worden verzameld, en deze vergelijken met de verlaging van de risico's wanneer er kleinere hoeveelheden en/of minder gedetailleerde informatie over de betrokkenen wordt verzameld. In elk geval mag de verzameling van persoonsgegevens die niet noodzakelijk zijn voor het specifieke verwerkingsdoel, niet in de standaardinstellingen worden opgenomen. Met andere woorden, indien bepaalde categorieën van persoonsgegevens niet noodzakelijk zijn of indien gedetailleerde gegevens niet nodig zijn omdat minder granulaire gegevens volstaan, worden er geen bijkomende persoonsgegevens verzameld.
50. Dezelfde standaardeisen gelden voor diensten: ongeacht het platform of apparaat mogen uitsluitend de voor het gestelde doel noodzakelijke persoonsgegevens worden verzameld.

2.2.2.2 'de mate waarin zij worden verwerkt'

51. Verwerkingsactiviteiten 17   die  op  persoonsgegevens  worden  uitgevoerd,  worden  beperkt  tot  wat noodzakelijk is. Vele verwerkingsactiviteiten kunnen bijdragen aan een verwerkingsdoel. Het feit dat bepaalde persoonsgegevens nodig zijn om een doel te verwezenlijken, betekent echter niet dat alle soorten  en  frequenties  van  verwerkingsactiviteiten  op  de  gegevens  mogen  worden  uitgevoerd. Verwerkingsverantwoordelijken moeten er zorg voor dragen dat zij de grenzen van de 'verenigbare doeleinden' uit artikel 6, lid 4, niet verleggen, en zij moeten voor ogen houden wat verwerking inhoudt binnen de redelijke verwachtingen van de betrokkenen.

2.2.2.3 'de termijn waarvoor zij worden opgeslagen'

52. Verzamelde persoonsgegevens mogen niet worden opgeslagen als dit voor de verwerking niet nodig is en er geen ander verenigbaar doel en geen rechtsgrond is krachtens artikel 6, lid 4. Als gegevens worden  bewaard,  moet  de  verwerkingsverantwoordelijke  objectief  kunnen  rechtvaardigen  dat  dit noodzakelijk is overeenkomstig het beginsel van verantwoordingsplicht.
53. De verwerkingsverantwoordelijke beperkt de bewaartermijn tot wat noodzakelijk is voor het doel. Indien persoonsgegevens niet meer nodig zijn met het oog op de verwerking, worden deze in beginsel vernietigd  of  geanonimiseerd.  De  lengte  van  de  bewaartermijn  hangt  dus  af  van  het  doel  van  de betreffende  verwerking.  Deze  verplichting  houdt  rechtstreeks  verband  met  het  beginsel  van opslagbeperking uit artikel 5, lid 1, onder e), en moet een standaardinstelling vormen, d.w.z. dat de

17  Krachtens artikel 4, lid 2, van de AVG omvat dit het verzamelen, vastleggen, ordenen, structureren, opslaan, bijwerken of wijzigen, opvragen, raadplegen, gebruiken, verstrekken door middel van doorzending, verspreiden of op andere wijze ter beschikking stellen, aligneren of combineren, afschermen, wissen of vernietigen van gegevens.

verwerkingsverantwoordelijke systematische procedures voor gegevensvernietiging of -anonimisering moet inbouwen in de verwerking.

54. Anonimisering 18 van persoonsgegevens vormt een alternatief voor vernietiging, mits er rekening wordt gehouden met alle relevante contextuele elementen en mits de waarschijnlijkheid en ernst van het risico, inclusief het risico op hernieuwde identificatie, regelmatig worden beoordeeld. 19

## 2.2.2.4 'de toegankelijkheid daarvan'

55. De verwerkingsverantwoordelijke moet op basis van een beoordeling van de noodzaak beperken wie er toegang hebben tot persoonsgegevens en welke soorten toegang er worden verleend, en ervoor zorgen  dat  persoonsgegevens  wanneer  dit  noodzakelijk  is,  bijvoorbeeld  in  kritische  situaties, toegankelijk  zijn  voor  degenen  voor  wie  dit  noodzakelijk  is.  Toegangscontroles  moeten  tijdens  de verwerking worden geëerbiedigd voor de hele gegevensstroom.
56. In artikel 25, lid 2, wordt verder bepaald dat persoonsgegevens niet zonder menselijke tussenkomst voor een onbeperkt aantal natuurlijke personen toegankelijk mogen  worden  gemaakt. De verwerkingsverantwoordelijke moet de toegankelijkheid in beginsel beperken en de betrokkene de mogelijkheid geven in te grijpen alvorens persoonsgegevens over de betrokkene te publiceren of op een andere manier beschikbaar te stellen voor een onbeperkt aantal natuurlijke personen.
57. Het beschikbaar maken van persoonsgegevens voor een onbeperkt aantal natuurlijke personen kan leiden tot verdere verspreiding van de gegevens dan oorspronkelijk bedoeld. Dit is met name relevant in de context van het internet en zoekmachines. Verwerkingsverantwoordelijken moeten betrokkenen daarom  in  beginsel  een  mogelijkheid  geven  in  te  grijpen  alvorens  persoonsgegevens  op  het  open internet  beschikbaar  worden  gemaakt.  Dit  is  met  name  van  belang  wanneer  het  om  kinderen  en kwetsbare groepen gaat.
58. Afhankelijk van de rechtsgrond voor de verwerking kan de mogelijkheid tot ingrijpen verschillen op basis  van  de  context  van  de  verwerking.  Voorbeelden  zijn  vragen  om  toestemming  om  de persoonsgegevens  openbaar  toegankelijk  te  maken  of  privacy-instellingen  hanteren  waardoor  de betrokkenen de openbare toegang zelf kunnen beheren.
59. Zelfs indien persoonsgegevens openbaar beschikbaar worden  gesteld met toestemming en medeweten van een betrokkene, betekent dit niet dat alle andere verwerkingsverantwoordelijken die toegang hebben tot de persoonsgegevens, deze zelf voor hun eigen doeleinden vrij mogen verwerken. Zij hebben hiervoor een eigen rechtsgrond nodig. 20


19

Zie artikel 4, lid 1, van de AVG, overweging ano

26 van de AVG en 'Advies 5/2014 over nimiseringstechnieken' van de Groep gegevensbescherming artikel

29. Zie ook het onderdeel over

'opslagbeperking' in deel 3 van dit document, waarin wordt aangegeven dat de verwerkingsverantwoordelijke moet zorgen voor de doeltreffendheid van de uitgevoerde anonimiseringstechniek(en).


## 3 GEGEVENSBESCHERMINGSBEGINSELEN UITVOEREN BIJ DE VERWERKING VAN PERSOONSGEGEVENS VIA GEGEVENSBESCHERMING DOOR ONTWERP EN DOOR STANDAARDINSTELLINGEN

60. In  alle  fasen  van  het  ontwerp  van  de  verwerkingsactiviteiten,  inclusief  inkoop,  aanbestedingen, uitbesteding,  ontwikkeling,  ondersteuning,  onderhoud,  testen,  opslag,  vernietiging  enz.,  moet  de verwerkingsverantwoordelijke  de  verschillende  elementen  van  DPbDD  in  acht  en  in  overweging nemen. Deze worden in dit hoofdstuk aan de hand van voorbeelden toegelicht in het kader van de uitvoering van de beginselen. 21 22 23
61. Verwerkingsverantwoordelijken moeten de beginselen uitvoeren om DPbDD te verwezenlijken. Het betreft de volgende beginselen: transparantie, rechtmatigheid, behoorlijkheid, doelbinding, minimale gegevensverwerking, juistheid, opslagbeperking, integriteit en vertrouwelijkheid, en verantwoordingsplicht. Deze beginselen worden beschreven in artikel 5 en overweging 39 van de AVG. Voor een volledig begrip van de manier waarop DPbDD moet worden uitgevoerd, wordt benadrukt hoe belangrijk het is de betekenis van elk van de beginselen te begrijpen.
62. Bij  de  presentatie  van  voorbeelden  van  de  wijze  waarop  DPbDD  kan  worden  geoperationaliseerd, hebben  we  een  lijst  gemaakt  met belangrijke  DPbDD-elementen voor  elk  van  de  beginselen.  De voorbeelden belichten het specifieke gegevensbeschermingsbeginsel in kwestie, maar kunnen  ook gedeeltelijk samenvallen met andere hiermee nauw samenhangende beginselen. Het EDPB benadrukt dat de belangrijke elementen en de voorbeelden die hieronder worden beschreven, uitputtend noch bindend zijn. Zij zijn slechts bedoeld als richtsnoeren voor elk van de beginselen. Verwerkingsverantwoordelijken moeten beoordelen hoe zij de naleving van de beginselen kunnen garanderen in het kader van de concrete verwerkingsactiviteit in kwestie.
63. Hoewel dit gedeelte gericht is op de uitvoering van de beginselen, moet de verwerkingsverantwoordelijke ook passende en doeltreffende methoden toepassen om de rechten van betrokkenen te beschermen, ook overeenkomstig hoofdstuk III van de AVG als dit nog niet op grond van de beginselen zelf verplicht is.
64. Het  beginsel  van  verantwoordingsplicht  is  overkoepelend:  op  grond  van  dit  beginsel  moet  de verwerkingsverantwoordelijke verantwoordelijk zijn voor het kiezen van de noodzakelijke technische en organisatorische maatregelen.

## 3.1 Transparantie 24


www.datatilsynet.no/en/about-privacy/virksomhetenes-plikter/innebygd-personvern/data-protection-bydesign-and-by-default/?id=7729




ec.europa.eu/newsroom/article29/document.cfm?action=display&amp;doc\_id=51025 -goedgekeurd door het EDPB.

65. De verwerkingsverantwoordelijke moet naar de betrokkene toe duidelijk en open zijn over de manier waarop de persoonsgegevens worden verzameld, gebruikt en gedeeld. Transparantie gaat over het in staat stellen van betrokkenen om hun rechten uit de artikelen 15 tot en met 22 te begrijpen en waar nodig  uit  te  oefenen.  Het  beginsel  is  vervat  in  de  artikelen 12,  13,  14  en  34.  Maatregelen  en waarborgen die worden getroffen ter ondersteuning van het beginsel van transparantie, moeten de uitvoering van deze artikelen ook ondersteunen.

66. Belangrijke ontwerp- en standaardinstellingselementen voor het beginsel van transparantie zijn onder meer:

- Duidelijkheid -informatie  wordt  in  duidelijke  en  eenvoudige  taal,  beknopt  en  begrijpelijk verstrekt.
- Semantiek -communicatie heeft een duidelijke betekenis voor het betrokken doelpubliek.
- Toegankelijkheid -informatie is eenvoudig toegankelijk voor de betrokkene.
- Contextueel -informatie wordt op het relevante tijdstip en in de passende vorm verstrekt.
- Relevantie -informatie is relevant en toepasselijk voor de specifieke betrokkene.
- Universeel ontwerp -informatie is toegankelijk voor alle betrokkenen, inclusief het gebruik van machinaal leesbare talen om de leesbaarheid en duidelijkheid te bevorderen.
- Begrijpelijk -betrokkenen  hebben  een  goed  begrip  van  wat  zij  kunnen  verwachten  met betrekking  tot  de  verwerking  van  hun  persoonsgegevens,  in  het  bijzonder  wanneer  de betrokkenen kinderen of andere kwetsbare groepen zijn.
- Meerdere kanalen -informatie wordt verstrekt via verschillende kanalen en media, niet alleen tekstuele, om de waarschijnlijkheid dat de informatie effectief bij de betrokkene terechtkomt, te vergroten.
- Gelaagd -informatie  wordt  zo  gestructureerd  dat  de  spanning  tussen  volledigheid  en begrijpelijkheid  wordt  weggenomen  en  er  tegelijk  aan  de  redelijke  verwachtingen  van betrokkenen wordt voldaan.

## Voorbeeld 25

Een verwerkingsverantwoordelijke ontwerpt een privacybeleid op zijn website om aan de vereisten inzake transparantie te voldoen. Het privacybeleid moet geen grote hoeveelheid informatie bevatten die  voor  de  gemiddelde  betrokkene  lastig  te  begrijpen  is.  Het  moet  helder  en  beknopt  worden geschreven, zodat het voor de gebruiker van de website gemakkelijk te begrijpen is op welke manier zijn of haar persoonsgegevens worden verwerkt. De verwerkingsverantwoordelijke verstrekt daarom informatie op een gelaagde manier, waarbij de belangrijkste punten worden  gemarkeerd. Gedetailleerdere informatie moet gemakkelijk te vinden zijn. Er worden vervolgkeuzemenu's en links naar  andere  pagina's  verstrekt,  waar  de  verschillende  punten  en  concepten  uit  het beleid  nader worden toegelicht. De verwerkingsverantwoordelijke zorgt er ook voor dat de informatie via meerdere kanalen wordt aangeboden, met video's waarin de belangrijkste punten van de schriftelijke informatie worden  toegelicht.  Synergie  tussen  de  vers chillende  pagina's  is  essentieel  om  te  zorgen  dat  de gelaagde benadering niet voor meer verwarring zorgt, maar deze juist wegneemt.

Het  privacybeleid  moet  eenvoudig  toegankelijk  zijn  voor  de  betrokkenen.  Het  wordt  daarom beschikbaar gesteld en zichtbaar ge maakt op alle webpagina's van de desbetreffende internetsite, zodat de betrokkene steeds met één muisklik toegang kan krijgen tot de informatie. De verstrekte


informatie wordt bovendien opgesteld overeenkomstig de beste praktijken en normen van universeel ontwerp, zodat deze voor iedereen toegankelijk is.

Bovendien moet de noodzakelijke informatie ook in de juiste context en op het geschikte moment worden verstrekt. Aangezien de verwerkingsverantwoordelijke veel verwerkingsactiviteiten uitvoert met de op de website verzamelde gegevens, is enkel een privacybeleid op de website niet voldoende om aan de eisen inzake transparantie te voldoen. De verwerkingsverantwoordelijke stelt daarom een informatiestroom  op  waarmee  de  betrokkene  relevante  informatie  ontvangt  binnen  de  passende contexten, bijvoorbeeld via informatiefragmenten of pop-ups. Wanneer de betrokkene bijvoorbeeld wordt gevraagd om persoonsgegevens in te voeren, informeert de verwerkingsverantwoordelijke de betrokkene over de manier waarop de persoonsgegevens worden verwerkt en de reden waarom deze persoonsgegevens noodzakelijk zijn voor de verwerking.

## 3.2 Rechtmatigheid

67. De verwerkingsverantwoordelijke moet een geldige rechtsgrond vaststellen voor de verwerking van persoonsgegevens.  Maatregelen  en  waarborgen  moeten  de  vereiste  ondersteunen  dat  de  hele levenscyclus  van  de  verwerking  in  overeenstemming  is  met  de  relevante  rechtsgronden  van verwerking.
68. Belangrijke ontwerp- en standaardinstellingselementen voor rechtmatigheid zijn onder meer:
- Relevantie -de juiste rechtsgrond wordt op de verwerking toegepast.
- Differentiatie 26 -de gebruikte rechtsgrond voor iedere verwerkingsactiviteit wordt gedifferentieerd.
- Gespecificeerd doel -de passende rechtsgrond houdt duidelijk verband met het specifieke doel van de verwerking. 27
- Noodzakelijkheid -om  rechtmatig  te zijn  moet  de  verwerking  onvoorwaardelijk  en noodzakelijk zijn voor het doel.
- Autonomie -de betrokkene krijgt binnen de kaders van de rechtsgrond de hoogst mogelijke mate van autonomie toegekend wat controle over de persoonsgegevens betreft.
- Toestemming  verkrijgen -toestemming  moet  vrijelijk worden  gegeven  en  specifiek, geïnformeerd en ondubbelzinnig zijn. 28  Er moet bijzondere aandacht worden besteed aan het vermogen van kinderen en jongeren om geïnformeerd toestemming te geven.
- Intrekken van toestemming -wanneer toestemming de rechtsgrond is, is het mogelijk de toestemming voor de verwerking weer in te trekken. Het intrekken van toestemming is net zo eenvoudig als het geven ervan. Zo niet, dan voldoet het toestemmingsmechanisme van de verwerkingsverantwoordelijke niet aan de AVG. 29
- Belangenafweging -wanneer gerechtvaardigd belang de rechtsgrond is, voert de verwerkingsverantwoordelijke  een  gewogen  belangenafweging  uit  en  besteedt  hij  daarbij




2016/679.https://edpb.europa.eu/our-work-tools/our-documents/guidelines/guidelines-052020-consentunder-regulation-2016679\_en


bijzondere  aandacht  aan  het  machtsverschil,  met  name  bij  kinderen  tot  18 jaar  en  andere kwetsbare  groepen.  Er  worden  maatregelen  en  waarborgen  ingesteld  om  de  negatieve gevolgen voor de betrokkenen te beperken.

- Bepaling vooraf -de rechtsgrond wordt vastgesteld voordat de verwerking plaatsvindt.
- Beëindiging -indien  de  rechtsgrond  niet  langer  van  toepassing  is,  wordt  de  verwerking dienovereenkomstig beëindigd.
- Aanpassing -indien er een geldige wijziging is van de rechtsgrond voor de verwerking, wordt de feitelijke verwerking overeenkomstig de nieuwe rechtsgrond aangepast. 30
- Toewijzing van verantwoordelijkheid -indien gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijkheid is voorzien, verdelen de partijen hun respectieve verantwoordelijkheden ten aanzien van de betrokkene op een duidelijke en transparante wijze en ontwerpen zij de maatregelen voor de verwerking in overeenstemming met deze verdeling.

## Voorbeeld

Een  bank  is  van  plan  een  dienst  aan  te  bieden  om  de  doeltreffendheid  van  het  beheer  van leningsaanvragen te verbeteren. Het idee achter de dienst is dat de bank, door toestemming van de klant  te  vragen,  gegevens  over  de  klant  rechtstreeks  van  belastingdiensten  kan  verwerven.  In  dit voorbeeld wordt niet ingegaan op de verwerking van persoonsgegevens uit andere bronnen.

Deze persoonsgegevens over de financiële situatie van de betrokkene moeten worden verkregen om op verzoek van de betrokkene stappen te kunnen ondernemen alvorens een leenovereenkomst te sluiten. 31  Het wordt echter niet noodzakelijk geacht om deze persoonsgegevens rechtstreeks van de belastingdiensten te verkrijgen, want de klant kan een overeenkomst sluiten door de informatie van de belastingdiensten zelf aan te leveren. Hoewel de bank een gerechtvaardigd belang kan hebben om de documentatie rechtstreeks van de belastingdiensten te verkrijgen, bijvoorbeeld met het oog op de waarborging van de efficiëntie van de verwerking van de lening, levert het verlenen van dergelijke directe toegang tot de persoonsgegevens van aanvragers aan banken een risico op ten aanzien van het gebruik of potentiële misbruik van de toegangsrechten.

Bij  de  uitvoering  van  het  rechtmatigheidsbeginsel  is  de  verwerkingsverantwoordelijke  zich  ervan bewust dat hij in deze situatie d e grond 'noodzakelijk voor contract' niet kan gebruiken voor het deel van de verwerking dat betrekking heeft op het rechtstreeks verzamelen van persoonsgegevens van de belastingdiensten. Het feit dat deze specifieke verwerking het risico inhoudt dat de betrokkene minder betrokken is bij de verwerking van zijn gegevens, is ook een relevante factor bij het beoordelen van de rechtmatigheid van de verwerking zelf. De bank concludeert dat er voor dit deel van de verwerking een andere rechtsgrond nodig is. In de lidstaat waar de verwerkingsverantwoordelijke is gevestigd, zijn er  nationale  wetten  op  grond  waarvan  de  bank  rechtstreeks  informatie  mag  verkrijgen  van  de belastingdiensten indien de betrokkene hier vooraf toestemming voor geeft.

De bank verstrekt daarom informatie over de verwerking in het online-aanvraagplatform, zodanig dat de betrokkenen gemakkelijk kunnen begrijpen welke verwerking verplicht is en welke optioneel. De verwerkingsopties staan standaard  niet toe  dat  gegevens  rechtstreeks  bij  andere  bronnen  dan  de betrokkene  zelf  worden  opgevraagd,  en  de  optie  voor  rechtstreekse  informatie-opvraging  wordt zodanig aangeboden dat dit de betrokkene niet ontmoedigt om zich te onthouden. Toestemming die



wordt verleend om gegevens rechtstreeks van andere verwerkingsverantwoordelijken te verzamelen, is een tijdelijk recht op toegang tot een specifiek informatiepakket.

De  verleende  toestemming  wordt  elektronisch  en  op  een  documenteerbare  manier  verwerkt,  en betrokkenen krijgen een eenvoudige manier aangeboden om te controleren waarvoor zij toestemming hebben verleend en om hun toestemming in te trekken.

De verwerkingsverantwoordelijke heeft deze DPbDD-vereisten vooraf beoordeeld en neemt al deze criteria op in de eisenspecificatie voor de inschrijving voor het platform. De verwerkingsverantwoordelijke  is  zich  ervan  bewust  dat  het,  indien  hij  de  DPbDD-vereisten  niet opneemt in de inschrijving, te laat of zeer kostbaar kan zijn om nadien gegevensbescherming uit te voeren.

## 3.3 Behoorlijkheid

69. Behoorlijkheid  is  een  overkoepelend  beginsel  op  grond  waarvan  persoonsgegevens  niet  mogen worden  verwerkt  op  een  manier  die  op  een  niet  te  rechtvaardigen  manier  nadelig,  onwettig discriminerend, onverwacht of misleidend  is voor de betrokkene. Maatregelen en waarborgen ter uitvoering  van  het  beginsel  van  behoorlijkheid  ondersteunen  ook  de  rechten  en  vrijheden  van betrokkenen,  in  het  bijzonder  het  recht  op  informatie  (transparantie),  het  recht  op  tussenkomst (inzage, wissing, gegevensoverdracht, rectificatie) en het recht op beperking van de verwerking (het recht  om  niet  te  worden  onderworpen  aan  geautomatiseerde  individuele  besluitvorming  en  nondiscriminatie van betrokkenen bij die procedures).
70. Belangrijke ontwerp- en standaardinstellingselementen voor behoorlijkheid zijn onder meer:
- Autonomie -betrokkenen krijgen de hoogst mogelijke mate van autonomie om te bepalen hoe hun persoonsgegevens worden gebruikt of verwerkt en in welke mate en onder welke voorwaarden dat gebeurt.
- Interactie -betrokkenen kunnen communiceren met de verwerkingsverantwoordelijke en hun rechten uitoefenen ten aanzien van de door deze verwerkingsverantwoordelijke verwerkte persoonsgegevens.
- Verwachting -de  verwerking  komt  overeen  met  de  redelijke  verwachtingen  van  de betrokkenen.
- Non-discriminatie -de verwerkingsverantwoordelijke discrimineert de betrokkenen niet op onbehoorlijke wijze.
- Niet-exploitatie -de verwerkingsverantwoordelijke buit de behoeften of de kwetsbaarheden van de betrokkenen niet uit.
- Keuze  van  de  consument -de  verwerkingsverantwoordelijke  mag  zijn  gebruikers  niet  op onbehoorlijke wijze 'vasthouden'. Wanneer een dienst die persoonsgegevens verwerkt, door eigendomsrechten  is  beschermd,  kan  er  sprake  zijn  van  onbehoorlijk  vasthouden  als  de betrokkenen  hun  recht  van  gegevensoverdraagbaarheid  niet  goed  kunnen  uitoefenen overeenkomstig artikel 20.
- Machtsevenwicht -machtsevenwicht is  een belangrijke  doelstelling  voor  de  relatie  tussen verwerkingsverantwoordelijke en betrokkene. Machtsverschillen moeten worden vermeden. Wanneer  dit niet mogelijk is, moeten  zij worden  erkend  en moeten  er passende tegenmaatregelen worden genomen.
- Geen risico-overdracht -verwerkingsverantwoordelijken dragen de risico's van het bedrijf niet op de betrokkenen over.

- Geen  misleiding -informatie  over  en  opties  voor  gegevensverwerking  worden  op  een objectieve en neutrale manier aangeleverd, zonder misleidende of manipulerende bewoordingen of vormgevingen.
- Eerbiediging van rechten -de verwerkingsverantwoordelijke eerbiedigt de grondrechten van betrokkenen, voert passende maatregelen en waarborgen uit en tast deze rechten niet aan, tenzij dit uitdrukkelijk is gerechtvaardigd op grond van de wet.
- Ethisch -de  verwerkingsverantwoordelijke  heeft  oog  voor  het  bredere  effect  van  de verwerking op de rechten en waardigheid van het individu.
- Eerlijk -de verwerkingsverantwoordelijke stelt informatie beschikbaar over de manier waarop hij persoonsgegevens verwerkt, doet wat hij belooft en misleidt de betrokkenen niet.
- Menselijke tussenkomst -de verwerkingsverantwoordelijke integreert gekwalificeerde menselijke tussenkomst die de vertekeningen blootlegt die machines kunnen veroorzaken, overeenkomstig  het  recht  om  niet  te  worden  onderworpen  aan  een  geautomatiseerde individuele besluitvorming uit artikel 22. 32
- Eerlijke algoritmen -Er wordt regelmatig beoordeeld of de algoritmen werken in overeenstemming  met  de  doelen,  waarbij  de  algoritmen  worden  aangepast  om  ontdekte vertekening  te  beperken  en  behoorlijkheid  te  waarborgen  bij  de  verwerking.  Er  wordt informatie verstrekt aan betrokkenen over de verwerking van persoonsgegevens op basis van algoritmen die hen analyseren of voorspellingen over hen maken, bijvoorbeeld met betrekking tot arbeidsprestaties, economische situatie, gezondheid, persoonlijke voorkeuren, betrouwbaarheid of gedrag, locatie of verplaatsingen. 33

## Voorbeeld 1

Een  verwerkingsverantwoordelijke  beheert  een  zoekmachine  die  voornamelijk  door  gebruikers gegenereerde persoonsgegevens verwerkt. De verwerkingsverantwoordelijke haalt voordeel uit het feit dat hij grote hoeveelheden persoonsgegevens ter beschikking heeft en die persoonsgegevens kan gebruiken voor gerichte advertenties. De verwerkingsverantwoordelijke wil daarom invloed uitoefenen  op  de  betrokkenen,  zodat  zij  uitgebreidere  verzameling  en  gebruikmaking  van  hun persoonsgegevens toelaten. Daarvoor moet toestemming worden verkregen door verwerkingsopties aan de betrokkene voor te leggen.

Bij de uitvoering van het behoorlijkheidsbeginsel is de verwerkingsverantwoordelijke zich er, rekening houdend met de aard, de omvang, de context en het doel van de verwerking, van bewust dat hij deze opties  niet  kan  aanbieden  op  een  manier  die  de  betrokkene  aanzet  om  toe  te  laten  dat  de verwerkingsverantwoordelijke  meer  persoonsgegevens  verzamelt  dan  wanneer  de  opties  op  een gelijke en neutrale manier werden aangeboden. Dit wil zeggen dat hij de verwerkingsopties niet mag aanbieden op een manier die het voor betrokkenen moeilijk maakt om hun gegevens niet te delen, of die het voor betrokkenen moeilijk maakt om hun privacy-instellingen aan te passen en de verwerking te  beperken.  Dit  zijn  voorbeelden  van  manipulatieve  patronen,  die  in  strijd  zijn  met  de  geest  van artikel 25.  De  standaardopties  voor  de  verwerking  mogen  niet  invasief  zijn,  en  de  keuze  voor  de verdere verwerking moet worden aangeboden op een manier die de betrokkene niet onder druk zet


https://ec.europa.eu/newsroom/article29/document.cfm?action=display&amp;doc\_id=49826

33  Zie overweging 71 van de AVG.

om  toestemming  te  geven.  De  verwerkingsverantwoordelijke  biedt  de  opties  om  wel  of  geen toestemming te geven daarom als twee in gelijke mate zichtbare keuzemogelijkheden aan en geeft daarbij de gevolgen van elke keuze voor de betrokkene correct weer.

## Voorbeeld 2

Een  andere  verwerkingsverantwoordelijke  verwerkt  persoonsgegevens  voor  de  verlening  van  een streamingdienst waarbij gebruikers  de  keuze  hebben  tussen  een  gewoon  abonnement  van standaardkwaliteit en een premiumabonnement  van  hoge  kwaliteit. Als onderdeel van het premiumabonnement krijgen abonnees prioritaire klantendienstverlening.

Op  grond  van  het  behoorlijkheidsbeginsel  mag  de  prioritaire klantendienstverlening  die  aan premiumabonnees wordt toegekend, de mogelijkheid van gewone abonnees om hun rechten uit te oefenen niet discrimineren overeenkomstig artikel 12 van de AVG. Dit wil zeggen dat, ook al krijgen de premiumabonnees prioritaire  dienstverlening,  die  prioritering  niet  mag  leiden  tot  een  gebrek  aan passende  maatregelen  om  zonder  onnodige  vertraging,  en  in  elk  geval  binnen  een  maand  na  de ontvangst van de verzoeken, te antwoorden op verzoeken van gewone abonnees.

Prioritaire klanten mogen betalen voor een betere dienstverlening, maar alle betrokkenen moeten gelijke  en  ongedifferentieerde  toegang  hebben  om  hun  rechten  en  vrijheden  overeenkomstig artikel 12 te kunnen uitoefenen.

## 3.4 Doelbinding 34

71. De verwerkingsverantwoordelijke  moet  gegevens verzamelen voor welbepaalde, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigde doeleinden, en mag de gegevens niet op een met die doeleinden onverenigbare  wijze  verder  verwerken. 35   Het  ontwerp  van  de  verwerking  moet  daarom  worden vormgegeven op basis van wat noodzakelijk is om de doeleinden te bereiken. Vindt verdere verwerking plaats, dan moet de verwerkingsverantwoordelijke er eerst voor zorgen dat de doeleinden van deze verwerking verenigbaar zijn met de oorspronkelijke doeleinden en de verwerking dienovereenkomstig ontwerpen. Of een nieuw doeleinde verenigbaar is of niet, wordt beoordeeld overeenkomstig artikel 6, lid 4.
72. Belangrijke ontwerp- en standaardinstellingselementen voor doelbinding zijn onder meer:
- Bepaling vooraf -de rechtsgrond wordt vastgesteld vóór het ontwerp van de verwerking.
- Specificiteit -het doel van de verwerking van persoonsgegevens is welbepaald en uitdrukkelijk omschreven.
- Doelgerichtheid -het doel van de verwerking stuurt het ontwerp van de verwerking en legt de grenzen van de verwerking vast.
- Noodzakelijkheid -het  doel  bepaalt  welke  persoonsgegevens  noodzakelijk  zijn  voor  de verwerking.


35 Artikel 5, lid 1, onder b), van de AVG.

- Verenigbaarheid -elk  nieuw  doeleinde  moet  verenigbaar  zijn  met  het  oorspronkelijke doeleinde waarvoor de gegevens werden verzameld, en moet relevante veranderingen in het ontwerp sturen.
- Verdere verwerking beperken -de verwerkingsverantwoordelijke verbindt geen gegevensreeksen met elkaar en voert geen verdere verwerkingen uit voor nieuwe onverenigbare doeleinden.
- Beperkingen van hergebruik -de verwerkingsverantwoordelijke treft technische maatregelen, waaronder hashing en versleuteling, om de mogelijkheid van herbestemming van persoonsgegevens te beperken. Ook treft de verwerkingsverantwoordelijke organisatorische maatregelen, zoals beleid en contractuele verplichtingen, die hergebruik van persoonsgegevens beperken.
- Evaluatie -de verwerkingsverantwoordelijke evalueert regelmatig of de verwerking noodzakelijk is voor de doeleinden waarvoor de gegevens werden verzameld, en toetst het ontwerp regelmatig aan doelbinding.

## Voorbeeld

De  verwerkingsverantwoordelijke  verwerkt  persoonsgegevens  van  zijn  klanten.  Het  doel  van  de verwerking is een overeenkomst uitvoeren, d.w.z. goederen aan het juiste adres kunnen leveren en betaling ontvangen. De persoonsgegevens die worden opgeslagen, zijn de aankoopgeschiedenis, de naam, het adres, het e-mailadres en het telefoonnummer.

De verwerkingsverantwoordelijke overweegt een product voor het beheer van klantenrelaties (CRM) aan  te  kopen  dat  alle  klantengegevens  over  verkoop,  marketing  en  klantenservice  op  één  plaats bijeenbrengt. Het product biedt de mogelijkheid om alle telefoonoproepen, activiteiten, documenten, e-mails  en  marketingcampagnes  op  te  slaan  om  een  360-gradenbeeld  van  de  klant  te  krijgen. Bovendien kan het CRM-product automatisch de koopkracht van de klant analyseren door openbare informatie te gebruiken. Het doel van de analyse is om gerichtere reclameactiviteiten te creëren. Deze activiteiten zijn geen onderdeel van het oorspronkelijke wettige doeleinde van de verwerking.

Om in overeenstemming te zijn met het beginsel van doelbinding verzoekt de verwerkingsverantwoordelijke de aanbieder van het product om de verschillende verwerkingsactiviteiten in kaart te brengen die gebruikmaken van persoonsgegevens voor doeleinden die relevant zijn voor de verwerkingsverantwoordelijke.

Nadat hij de resultaten hiervan heeft ontvangen, beoordeelt de verwerkingsverantwoordelijke of het nieuwe  marketingdoeleinde  en  het  doeleinde  van  gerichte  reclame  verenigbaar  zijn  met  de oorspronkelijke  doeleinden  die  zijn  vastgesteld  toen  de  gegevens  werden  verzameld,  en  of  er voldoende rechtsgrond is voor de betreffende verwerking. Als de beoordeling geen positief resultaat oplevert,  mag  de  verwerkingsverantwoordelijke  de  betreffende  functionaliteiten  niet  in  gebruik nemen. De verwerkingsverantwoordelijke kan er ook voor kiezen geen beoordeling uit te voeren en de beschreven functionaliteiten van het product simpelweg niet te gebruiken.

## 3.5 Minimale gegevensverwerking

73. Uitsluitend persoonsgegevens die toereikend zijn, ter zake dienend en beperkt tot wat noodzakelijk is voor  het  doeleinde,  worden  verwerkt. 36 Bijgevolg  moet  de  verwerkingsverantwoordelijke  vooraf bepalen welke kenmerken en parameters van verwerkingssystemen en hun ondersteunende functies toelaatbaar zijn. Minimale gegevensverwerking verwezenlijkt en operationaliseert het noodzakelijkheidsbeginsel. Bij de verdere verwerking moet de verwerkingsverantwoordelijke regelmatig  overwegen  of  de  verwerkte  persoonsgegevens  nog  toereikend,  ter  zake  dienend  en noodzakelijk zijn, of dat de gegevens moeten worden verwijderd of geanonimiseerd.
74. Verwerkingsverantwoordelijken  moeten  eerst  en  vooral  bepalen  of  ze  de  persoonsgegevens  wel hoeven  te  verwerken  voor  hun  doeleinden.  De  verwerkingsverantwoordelijke  moet  nagaan  of  de betreffende  doeleinden  ook  kunnen  worden  verwezenlijkt  wanneer  er  minder  persoonsgegevens worden verwerkt, of met behulp van minder gedetailleerde of geaggregeerde persoonsgegevens, of helemaal  zonder  persoonsgegevens  te  verwerken 37 .  Deze  controle  moet  plaatsvinden  voordat  er gegevens  worden  verwerkt,  maar  kan  ook  op  ieder  moment  in  de  verwerkingscyclus  worden uitgevoerd. Dit is ook in overeenstemming met artikel 11.
75. Minimale gegevensverwerking kan ook verwijzen naar de mate van identificatie. Indien het voor het doel van de verwerking niet nodig is dat de definitieve gegevensreeks verwijst naar een geïdentificeerd of  een  identificeerbaar  individu  (bijvoorbeeld  bij  statistieken),  maar  voor  de  oorspronkelijke verwerking wel (bv. vóór de aggregatie van gegevens), dan moet de verwerkingsverantwoordelijke de persoonsgegevens verwijderen of anonimiseren zodra identificatie niet langer nodig is. Indien verdere identificatie  nodig  blijft  voor  andere  verwerkingsactiviteiten,  moeten  persoonsgegevens  worden gepseudonimiseerd om de risico's voor de rechten van de betrokkenen te beperken.
76. Belangrijke ontwerp- en standaardinstellingselementen voor minimale gegevensverwerking zijn onder meer:
- Gegevensvermijding -vermijd  de  verwerking  van  persoonsgegevens  volledig  wanneer  dit mogelijk is voor het betreffende doel.
- Beperking -beperk de hoeveelheid verzamelde gegevens tot wat noodzakelijk is voor het doel.
- Beperking van toegang -geef de gegevensverwerking zo vorm dat zo weinig mogelijk mensen toegang  tot  persoonsgegevens  nodig  hebben  om  hun  werkzaamheden  uit  te  voeren,  en beperk de toegang dienovereenkomstig.
- Relevantie -persoonsgegevens  zijn  relevant  voor  de  desbetreffende  verwerking,  en  de verwerkingsverantwoordelijke kan deze relevantie aantonen.
- Noodzakelijkheid -elke  categorie  van  de persoonsgegevens  is  noodzakelijk  voor de gespecificeerde doeleinden en wordt uitsluitend verwerkt indien het niet mogelijk is het doel met andere middelen te bereiken.
- Aggregatie -gebruik waar mogelijk geaggregeerde gegevens.
- Pseudonimisering -pseudonimiseer persoonsgegevens zodra het niet langer noodzakelijk is om over rechtstreeks identificeerbare persoonsgegevens te beschikken, en bewaar identificatiesleutels afzonderlijk.
- Anonimisering en vernietiging -indien persoonsgegevens niet of niet langer noodzakelijk zijn voor het doel, worden deze geanonimiseerd of vernietigd.
- Gegevensstroom -de gegevensstroom is voldoende doeltreffend, zodat er niet meer kopieën worden gemaakt dan noodzakelijk.

36 Artikel 5, lid 1, onder c), van de AVG.

37  Dit staat in overweging 39 van de AVG: 'Persoonsgegevens mogen alleen worden verwerkt indien h et doel van de verwerking niet redelijkerwijs op een andere wijze kan worden verwezenlijkt.'

- 'Stand  van  de  techniek'  de  verwerkingsverantwoordelijke  past  actuele  en  geschikte technologieën voor gegevensvermijding en minimale gegevensverwerking toe.

## Voorbeeld 1

Een boekenwinkel wil de inkomsten verhogen door boeken online te verkopen. De eigenaar van de boekenwinkel wil een gestandaardiseerd formulier opstellen voor de bestelprocedure. Om ervoor te zorgen dat klanten alle gewenste informatie invullen, maakt de eigenaar van de boekenwinkel alle velden in het formulier verplicht (vult de klant niet alle velden in, dan kan de bestelling niet worden geplaatst). De eigenaar van de webshop gebruikt aanvankelijk een standaardcontactformulier, waarin om informatie  als  de  geboortedatum,  het  telefoonnummer  en  het  thuisadres  van  de  klant  wordt gevraagd. Niet alle velden in het formulier zijn echter noodzakelijk voor het doel, namelijk het kopen en leveren van boeken. In dit specifieke geval zijn de geboortedatum en het telefoonnummer van de betrokkene, als  deze  vooraf  voor  het  product  betaalt,  niet  noodzakelijk  voor  de  aankoop  van  het product. Dit betekent dat deze velden in het bestelformulier voor het product niet verplicht mogen zijn,  tenzij  de  verwerkingsverantwoordelijke  duidelijk  kan  aantonen  dat  de  informatie  om  andere redenen noodzakelijk is en deze redenen uiteen kan zetten. Bovendien zijn er situaties waarbij een adres niet noodzakelijk is. Wanneer een klant een e-boek bestelt, kan hij het product bijvoorbeeld rechtstreeks op zijn apparaat downloaden.

De  eigenaar  van  de  webshop  beslist  daarom  om  twee  webformulieren  te  maken:  een  voor  het bestellen van boeken, met een veld voor het adres van de klant, en een voor het bestellen van eboeken, zonder een veld voor het adres van de klant.

## Voorbeeld 2

Een  openbaarvervoersbedrijf  wenst  statistische  informatie  te  verzamelen  op  basis  van  routes  van reizigers. Dit is nuttig om juiste keuzen te maken over wijzigingen in tijdschema's van het openbaar vervoer en over goede routebepalingen van de treinen. De reizigers moeten elke keer wanneer zij een vervoersmiddel betreden of verlaten, hun ticket door een kaartlezer halen. Nadat de verwerkingsverantwoordelijke een risicobeoordeling heeft uitgevoerd met betrekking tot de rechten en vrijheden van reizigers in verband met de verzameling van hun reisroutes, stelt hij vast dat het, wanneer reizigers in dunbevolkte gebieden wonen of werken, dankzij de identificatiecode van het ticket mogelijk is hen te identificeren op basis van losse routes. Aangezien het niet noodzakelijk is voor het doel van optimalisatie van de tijdschema's van het openbaar vervoer en de routebepaling van de treinen, bewaart de verwerkingsverantwoordelijke de identificatiecode van het ticket daarom niet. Op het moment dat de reis voorbij is, bewaart de verwerkingsverantwoordelijke alleen de individuele reisroutes, zodat het niet mogelijk is reizen te identificeren die verbonden zijn aan één enkel ticket, maar alleen informatie over afzonderlijke reisroutes.

Indien er alsnog een risico kan bestaan dat een persoon enkel door zijn reisroute in het openbaar vervoer wordt geïdentificeerd, treft de verwerkingsverantwoordelijke statistische maatregelen om het risico te beperken, zoals het weglaten van het begin en het einde van de route.

## Voorbeeld 3

Een koerier wenst de doeltreffendheid van zijn leveringen te beoordelen wat levertijden, planning van werkbelasting  en  brandstofverbruik  betreft.  Om  dit  doel  te  bereiken  moet  de  koerier  een  aantal persoonsgegevens verwerken die zowel met de werknemers (chauffeurs) als met de klanten (adressen, te leveren artikelen enz.) verband houden. Deze verwerkingsactiviteit houdt risico's in, met betrekking tot  zowel  toezicht  op  werknemers,  waarvoor  specifieke  wettelijke  waarborgen  nodig  zijn,  als  het volgen van de gewoonten van klanten via de kennis van de geleverde artikelen in de loop der tijd. Deze risico's kunnen aanzienlijk worden verminderd met passende pseudonimisering van werknemers en klanten. Met name wanneer pseudonimiseringssleutels regelmatig worden gewisseld en macrogebieden in aanmerking worden genomen in plaats van gedetailleerde adressen, wordt er een doeltreffende vorm van minimale gegevensverwerking nagestreefd en kan de verwerkingsverantwoordelijke  zich  uitsluitend  richten  op  het  leveringsproces  en  het  doel  van middelenoptimalisatie, zonder de drempel van het toezicht op gedragingen van individuen (klanten of werknemers) te overschrijden.

## Voorbeeld 4

Een ziekenhuis verzamelt gegevens over zijn patiënten in een ziekenhuisinformatiesysteem (elektronisch patiëntendossier). Het ziekenhuispersoneel moet toegang tot patiëntendossiers hebben om goede beslissingen te kunnen nemen met betrekking tot de zorg en behandeling van de patiënten, alsook voor de documentatie van alle uitgevoerde handelingen in het kader van diagnosen, zorg en behandeling. Standaard wordt er enkel toegang verleend aan de zorgverleners die met de behandeling van de betreffende patiënt zijn belast binnen de afdeling waaraan de patiënt is toegewezen. De groep mensen  met  toegang  tot  een  patiëntendossier  wordt  uitgebreid  als  er  andere  afdelingen  of diagnostische eenheden bij de behandeling worden betrokken. Nadat de patiënt is ontslagen en de facturering is afgerond, wordt de toegang beperkt tot een kleine groep medewerkers per afdeling die, na goedkeuring van de betreffende patiënt, reageren op verzoeken om medische informatie of op een uitgevoerd of gevraagd consult van een andere medische dienstverlener.

## 3.6 Juistheid

77. Persoonsgegevens moeten juist zijn en zo nodig worden geactualiseerd; alle redelijke maatregelen moeten worden genomen om de persoonsgegevens die, gelet op de doeleinden waarvoor zij worden verwerkt, onjuist zijn, onverwijld te wissen of te rectificeren. 38
78. De vereisten moeten worden gezien in verhouding tot de risico's en de gevolgen van het concrete gebruik van de gegevens. Onjuiste persoonsgegevens kunnen een risico vormen voor de rechten en vrijheden  van  de  betrokkenen,  bijvoorbeeld  wanneer  dit  leidt  tot  een  verkeerde  diagnose  of  een onjuiste  behandeling  van  een  gezondheidsprotocol,  of  wanneer  een  foutieve  afbeelding  van  een persoon ertoe leidt dat beslissingen worden genomen op een verkeerde basis, hetzij manueel, door gebruik van geautomatiseerde besluitvorming, of via kunstmatige intelligentie.
79. Belangrijke ontwerp- en standaardinstellingselementen voor juistheid zijn onder meer:
- Gegevensbron -bronnen  van  persoonsgegevens zijn betrouwbaar wat de juistheid van de gegevens betreft.

38 Artikel 5, lid 1, onder d), van de AVG.

- Mate van nauwkeurigheid -elk element van de persoonsgegevens is zo nauwkeurig als nodig is voor de gespecificeerde doelen.
- Meetbare juistheid -beperk het aantal valse positieven/negatieven, bijvoorbeeld vertekening bij automatische besluitvorming en kunstmatige intelligentie.
- Verificatie -afhankelijk van de aard van de gegevens, in verhouding tot hoe vaak deze kunnen wijzigen,  gaat  de  verwerkingsverantwoordelijke  de  juistheid  van  persoonsgegevens  bij  de betrokkene na, voorafgaand aan en in verschillende fasen van de verwerking (bv. ten aanzien van leeftijdseisen).
- Wissing/rectificatie -de verwerkingsverantwoordelijke wist of rectificeert onjuiste gegevens onverwijld. Hiervoor draagt de verwerkingsverantwoordelijke in het bijzonder zorg wanneer de betrokkenen kinderen zijn of waren en zij later hun persoonsgegevens willen verwijderen. 39
- Preventie van foutenvermeerdering -verwerkingsverantwoordelijken beperken de gevolgen van een gecumuleerde fout in de verwerkingsketen.
- Toegang -betrokkenen ontvangen informatie over en effectieve toegang tot persoonsgegevens overeenkomstig de artikelen 12 tot en met 15 van de AVG om de juistheid te controleren en waar nodig te rectificeren.
- Voortdurende juistheid -persoonsgegevens zijn in alle fasen van de verwerking juist, en in kritieke fasen worden er nauwkeurigheidstests uitgevoerd.
- Actueel -persoonsgegevens worden geactualiseerd indien dit nodig is voor het doel.
- Gegevensontwerp -gebruik van technologische en organisatorische ontwerpkenmerken om het  aantal  onjuistheden  te  verlagen,  bijvoorbeeld  vooraf  bepaalde  keuzemogelijkheden bieden in plaats van vrijetekstvelden.

## Voorbeeld 1

Een verzekeraar wil kunstmatige intelligentie (KI) gebruiken om profielen te maken van klanten die verzekeringen kopen, als basis voor zijn besluitvorming bij het berekenen van het verzekeringsrisico. Bij  het  bepalen van de  wijze waarop de KI-oplossingen moeten worden ontwikkeld, bepaalt hij de middelen voor de verwerking en houdt hij rekening met gegevensbescherming door ontwerp wanneer hij een KI-toepassing van een leverancier kiest en wanneer hij beslist over de trainingsmethode voor de KI.

Bij het bepalen van de trainingsmethode voor de KI moet de verwerkingsverantwoordelijke over juiste gegevens beschikken om nauwkeurige resultaten te behalen. Daarom moet de verwerkingsverantwoordelijke ervoor zorgen dat de gegevens die voor het trainen van de KI worden gebruikt, juist zijn.

Aangenomen dat de verzekeraar een geldige rechtsgrond heeft om de KI te trainen met behulp van persoonsgegevens uit een grote subset van bestaande klanten, kiest de verwerkingsverantwoordelijke een  grote  verzameling  van  die  klanten  die  representatief  is  voor  de  bevolking  om  vertekening  te vermijden.

Vervolgens worden de klantgegevens verzameld uit het betreffende  gegevensverwerkingssysteem, met inbegrip van gegevens over het soort verzekering, bijvoorbeeld zorgverzekering, woonverzekering,  reisverzekering  enz.,  evenals  gegevens  uit  publieke  registers  waar  zij  wettige toegang toe hebben. Alle gegevens worden gepseudonimiseerd voordat zij worden overgedragen naar het systeem waarin het KI-model wordt getraind.

39  Zie overweging 65.

Om ervoor te zorgen dat de gegevens die voor het trainen van de KI worden gebruikt, zo nauwkeurig mogelijk zijn, verzamelt de verwerkingsverantwoordelijke alleen gegevens uit gegevensbronnen met juiste en actuele informatie.

De  verzekeraar  test  of  de  KI  betrouwbaar  is  en  verstrekt  zowel  tijdens  de  ontwikkeling  ervan  als voordat het product uiteindelijk wordt uitgegeven, niet-discriminerende resultaten. Wanneer de KI volledig getraind en operationeel is, gebruikt de verzekeraar de resultaten om de beoordelingen van het verzekeringsrisico te ondersteunen, maar zonder dat hij hierbij uitsluitend op de KI vertrouwt voor zijn beslissing om al dan niet een verzekering te verkopen, tenzij deze beslissing overeenkomstig de uitzonderingen uit artikel 22, lid 2, van de AVG wordt genomen.

Ook  evalueert  de  verzekeraar  regelmatig  de  resultaten  van  de  KI  om  de  betrouwbaarheid  te waarborgen en, indien nodig, het algoritme aan te passen.

## Voorbeeld 2

De verwerkingsverantwoordelijke is een gezondheidsinstelling die op zoek is naar methoden om de integriteit en juistheid van persoonsgegevens in haar cliëntenregisters te waarborgen.

In  situaties  waarin  twee  personen  op  hetzelfde  moment  bij  de  instelling  aankomen  en  dezelfde behandeling  ondergaan,  bestaat  er  een  risico  dat  zij  met  elkaar  worden  verward,  als  de  enige parameter  om  hen  te  onderscheiden  de  naam  is.  Om  de  juistheid  te  waarborgen  heeft  de verwerkingsverantwoordelijke voor iedere persoon een unieke identificatiecode nodig, en dus meer informatie dan alleen de naam van de cliënt.

De instelling gebruikt verschillende systemen die persoonlijke informatie van cliënten bevatten, en moet ervoor zorgen dat de informatie met betrekking tot de cliënt in alle systemen en op elk moment correct, nauwkeurig en consistent is. De instelling heeft verschillende risico's geïdentificeerd die zich kunnen voordoen indien informatie wordt gewijzigd in één systeem, maar niet in de andere systemen.

De verwerkingsverantwoordelijke besluit het risico te verminderen door een hashingtechniek toe te passen die kan worden gebruikt om de integriteit van de gegevens in het behandelingsdagboek te waarborgen. Er worden onveranderlijke cryptografische tijdstempels ontwikkeld voor dossiers van het behandelingsdagboek  en  de  bijbehorende  cliënt,  zodat  wijzigingen  kunnen  worden  herkend,  met elkaar in verband kunnen worden gebracht en indien nodig kunnen worden gevolgd.

## 3.7 Opslagbeperking

80. De verwerkingsverantwoordelijke moet ervoor zorgen dat persoonsgegevens worden bewaard in een vorm die het mogelijk maakt de  betrokkenen niet langer te identificeren dan voor de doeleinden waarvoor de persoonsgegevens worden verwerkt noodzakelijk is. 40

Het is essentieel dat de verwerkingsverantwoordelijke precies weet welke persoonsgegevens het bedrijf verwerkt en waarom. Het doel van de verwerking vormt het belangrijkste criterium voor de bewaartermijn van de persoonsgegevens.

40 Artikel 5, lid 1, onder e), van de AVG.

81. Maatregelen  en  waarborgen  ter  uitvoering  van  het  beginsel  van  opslagbeperking  vormen  een aanvulling op de rechten en vrijheden van de betrokkenen, en in het bijzonder op het recht op wissing en het recht van bezwaar.
82. Belangrijke ontwerp- en standaardinstellingselementen voor opslagbeperking zijn onder meer:
- Verwijdering  en  anonimisering -de  verwerkingsverantwoordelijke  beschikt  over  heldere interne procedures en functionaliteiten voor verwijdering en/of anonimisering.
- Doeltreffendheid  van  anonimisering/verwijdering -de  verwerkingsverantwoordelijke  zorgt ervoor dat het niet  mogelijk  is  om  geanonimiseerde  gegevens  opnieuw  te  identificeren  of verwijderde gegevens te herstellen, en hij test of dit mogelijk is.
- Automatisering -verwijdering van persoonsgegevens wordt geautomatiseerd.
- Opslagcriteria -de verwerkingsverantwoordelijke bepaalt welke gegevens en welke bewaartermijn noodzakelijk zijn voor het doel.
- Rechtvaardiging -de verwerkingsverantwoordelijke kan verantwoorden waarom de bewaartermijn noodzakelijk is voor het doeleinde en de betreffende persoonsgegevens en kan de motivering en de rechtsgrond voor de bewaartermijn uiteenzetten.
- Handhaving van beleid inzake bewaring -de verwerkingsverantwoordelijke handhaaft intern beleid  inzake  bewaring  en  voert  tests  uit  om  na te  gaan  of  de  organisatie  dit  beleid  in  de praktijk brengt.
- Back-ups/logbestanden -de verwerkingsverantwoordelijke bepaalt welke persoonsgegevens en bewaartermijn noodzakelijk zijn voor back-ups en logbestanden.
- Gegevensstroom -de verwerkingsverantwoordelijke let op de stroom van persoonsgegevens en  de  opslag  van  eventuele  kopieën  daarvan  en  probeert  de  tijdelijke  opslag  hiervan  te beperken.

## Voorbeeld

De verwerkingsverantwoordelijke verzamelt persoonsgegevens, met als doel van de verwerking om een  lidmaatschap  te  registreren  voor  de  betrokkene.  De  persoonsgegevens  moeten  worden verwijderd wanneer het lidmaatschap wordt beëindigd en er geen rechtsgrond is voor verdere opslag van de gegevens.

De  verwerkingsverantwoordelijke  stelt  allereerst  een  interne  procedure  op  voor  bewaring  en vernietiging van gegevens. Op grond hiervan moeten werknemers de persoonsgegevens handmatig verwijderen nadat de bewaartermijn is afgelopen. De werknemer volgt de procedure en verwijdert en corrigeert  regelmatig  de  gegevens  van  alle  apparaten  en  van  back-ups,  logbestanden,  e-mails  en andere relevante opslagmedia.

Om de verwijdering doeltreffender en minder vatbaar voor fouten te maken zet de verwerkingsverantwoordelijke  vervolgens  in  plaats  daarvan  een  automatisch  systeem  op  om  de gegevens automatisch, op betrouwbare wijze en op regelmatigere basis te verwijderen. Het systeem wordt  zo  geconfigureerd  dat  het  de  gegeven  procedure  voor  gegevensverwijdering  volgt,  die vervolgens met een vooraf bepaalde regelmatige interval plaatsvindt om persoonsgegevens van alle opslagmedia van het bedrijf te verwijderen. De verwerkingsverantwoordelijke evalueert en test de bewaarprocedure regelmatig en zorgt ervoor dat deze strookt met het actuele bewaarbeleid.

## 3.8 Integriteit en vertrouwelijkheid

83. Het  beginsel  van  integriteit  en  vertrouwelijkheid  omvat  bescherming  tegen  ongeoorloofde  of onrechtmatige verwerking en tegen onopzettelijk verlies, vernietiging of beschadiging, met behulp van passende technische of organisatorische maatregelen. Voor de beveiliging van persoonsgegevens zijn passende maatregelen nodig die zijn ontworpen om gegevensinbreuken te voorkomen en te beheren, om de gedegen uitvoering van gegevensverwerkingstaken en de naleving van de andere beginselen te waarborgen en om de doeltreffende uitoefening van de rechten van individuen mogelijk te maken.
84. In overweging 78 staat dat een van de DPbDD-maatregelen erin zou kunnen bestaan de verwerkingsverantwoordelijke  in  staat  te  stellen  om 'beveiligingskenmerken  te  creëren  en te verbeteren' .  Naast  andere  DPbDD-maatregelen  wordt  er  in  overweging 78  gewezen  op  een verantwoordelijkheid van de verwerkingsverantwoordelijken om voortdurend te beoordelen of zij op elk moment de passende middelen gebruiken voor de verwerking, en om te beoordelen of de gekozen maatregelen de bestaande kwetsbaarheden daadwerkelijk tegengaan. Verder moeten verwerkingsverantwoordelijken regelmatige evaluaties uitvoeren van de informatiebeveiligingsmaatregelen  die  persoonsgegevens  omgeven  en  beschermen,  en  van  de procedure voor de omgang met gegevensinbreuken.
85. Belangrijke  ontwerp-  en  standaardinstellingselementen  voor  integriteit  en  vertrouwelijkheid  zijn onder meer:
- Beheersysteem voor informatiebeveiliging (ISMS) -over  operationele middelen beschikken om beleidslijnen en procedures voor informatiebeveiliging te beheren.
- Risicoanalyse -de risico's beoordelen aan de hand van de beveiliging van persoonsgegevens door na te denken over de gevolgen voor de rechten van individuen, en vastgestelde r isico's tegengaan. Ontwikkel en onderhoud voor de risicobeoordelingen een uitgebreid, systematisch en realistisch  dreigingsmodel  en  een  analyse  van  het  aanvalsoppervlak  van  de  ontworpen software om de aanvalsvectoren de mogelijkheden om gebruik te maken van zwakke punten en kwetsbaarheden te beperken.
- Beveiliging door ontwerp -denk bij het ontwerp en de ontwikkeling van het systeem zo vroeg mogelijk na over beveiligingseisen en integreer en verricht voortdurend relevante tests.
- Onderhoud -evalueer en test software, hardware, systemen, diensten enz. regelmatig om kwetsbaarheden vast te stellen van de systemen die de verwerking ondersteunen.
- Beheer van toegangscontrole -enkel  bevoegde  medewerkers voor wie dit noodzakelijk is, hebben toegang tot de persoonsgegevens die zij nodig hebben voor hun verwerkingstaken, en de verwerkingsverantwoordelijke maakt onderscheid tussen de verschillende toegangsrechten van de bevoegde medewerkers.
9. o Beperking  van  toegang  (personen) -geef  de  gegevensverwerking  zo  vorm  dat  zo weinig  mogelijk  mensen  toegang  tot  persoonsgegevens  nodig  hebben  om  hun werkzaamheden te kunnen uitvoeren, en beperk de toegang dienovereenkomstig.
10. o Beperking van toegang (inhoud) -houd, in het kader van elke verwerkingsactiviteit, de toegang beperkt tot de gegevenskenmerken van de betreffende dataset die nodig zijn voor die activiteit. Beperk de toegang bovendien tot de gegevens die betrekking hebben op de betrokkenen die binnen het mandaat van de betreffende medewerker vallen.
11. o Segregatie van toegang -geef de gegevensverwerking zo vorm dat niemand volledige toegang tot alle verzamelde gegevens over een betrokkene nodig heeft, laat staan tot alle persoonsgegevens van een bepaalde categorie betrokkenen.
- Beveiligde overdrachten -overdrachten zijn beveiligd tegen ongeoorloofde en onbedoelde toegang en wijzigingen.

- Beveiligde opslag -gegevensopslag is beveiligd tegen ongeoorloofde toegang en wijzigingen. Er  zijn  procedures  om  het  risico  van  gecentraliseerde  of  gedecentraliseerde  opslag  te beoordelen en te bepalen op welke categorieën persoonsgegevens dit van toepassing is. Het is  mogelijk  dat  voor  bepaalde  gegevens  extra  beveiligingsmaatregelen  nodig  zijn  of  dat bepaalde gegevens van andere moeten worden gescheiden.
- Pseudonimisering -persoonsgegevens en back-ups/logbestanden worden gepseudonimiseerd als een beveiligingsmaatregel om de risico's van potentiële gegevensinbreuken tot een minimum te beperken, bijvoorbeeld door middel van hashing of versleuteling.
- Back-ups/logbestanden -houd back-ups en logbestanden bij voor zover dit noodzakelijk is voor  informatiebeveiliging,  en  gebruik  controlesporen  en  toezicht  op  gebeurtenissen  als routinebeveiligingscontrole. Deze zaken moeten worden beschermd tegen ongeoorloofde en onbedoelde toegang en wijzigingen en moeten regelmatig worden herzien. Incidenten moeten onverwijld worden afgehandeld.
- Rampenherstel/bedrijfscontinuïteit -speel in op de eisen voor rampenherstel en bedrijfscontinuïteit van het informatiesysteem om de beschikbaarheid van persoonsgegevens te herstellen na grote incidenten.
- Bescherming  op  basis  van  risico -bescherm  alle  categorieën  persoonsgegevens  met maatregelen die passen bij het risico van een beveiligingsinbreuk. Gegevens met bijzondere risico's moeten, indien mogelijk, apart van de rest van de pe rsoonsgegevens worden bewaard.
- Beheer  van  reactie  op  veiligheidsincidenten -beschikken  over  routines,  procedures  en middelen om gegevensinbreuken op te sporen, in te dammen, te behandelen, te melden en er lering uit te trekken.
- Beheer van incidenten -de verwerkingsverantwoordelijke beschikt over processen voor de omgang met inbreuken en incidenten om het verwerkingssysteem robuuster te maken. Dit omvat  meldingsprocedures,  zoals  het  beheer  van  meldingen  (aan  de  toezichthoudende autoriteit) en informatie (voor betrokkenen).

## Voorbeeld

Een  verwerkingsverantwoordelijke  wil  grote  hoeveelheden  persoonsgegevens  uit  een  medische databank met elektronische (patiënten)dossiers verzamelen op een speciale databankserver binnen het bedrijf, om de verzamelde gegevens te verwerken met het oog op kwaliteitsborging. Het bedrijf heeft  beoordeeld  dat  het  routeren  van  de  gegevens  naar  een  server  die  toegankelijk  is  voor  alle werknemers van het bedrijf, een hoog risico inhoudt voor de rechten en vrijheden van de betrokkenen. Aangezien  slechts  één  afdeling  binnen  het  bedrijf  de  verzamelde  patiëntengegevens  hoeft  te verwerken, besluit de verwerkingsverantwoordelijke de toegang tot de speciale server te beperken tot medewerkers van die afdeling. Bovendien worden de gegevens, om het risico verder te verkleinen, gepseudonimiseerd voordat zij worden overgedragen.

Om de toegang te regelen en mogelijke schade van malware te verminderen besluit het bedrijf het netwerk  op  te  delen  en  toegangscontroles  in  te  stellen  voor  de  server.  Daarnaast  wordt  er veiligheidsmonitoring  en  een  indringerdetectie-  en  -preventiesysteem  opgezet  en  wordt  de  server afgezonderd van routinegebruik. Er wordt een geautomatiseerd controlesysteem in werking gesteld om  toezicht  te  houden  op  toegang  en  wijzigingen.  Hieruit  worden  rapportage  en  automatische waarschuwingen  gegenereerd  wanneer  bepaalde  aan  het  gebruik  gerelateerde  gebeurtenissen worden  geconfigureerd.  De  verwerkingsverantwoordelijke  zorgt  ervoor  dat  gebruikers  uitsluitend toegang hebben als dit voor hen noodzakelijk is en zij over het passende toegangsniveau beschikken. Ongepast gebruik kan snel en eenvoudig worden vastgesteld.

Sommige  gegevens  moeten  worden  vergeleken  met  nieuwe  gegevens  en  moeten  daarom  drie maanden worden opgeslagen. De verwerkingsverantwoordelijke besluit deze in aparte databanken op dezelfde  server  op  te  slaan  en  hiervoor  zowel  transparante  versleuteling  als  versleuteling  op kolomniveau  te  gebruiken.  Sleutels  voor  ontcijfering  van  kolomgegevens  worden  opgeslagen  in speciale beveiligingsmodules die enkel door bevoegd personeel kunnen worden gebruikt, maar hier niet uit kunnen worden gehaald.

Door de behandeling van komende incidenten wordt het systeem robuuster en betrouwbaarder. De verwerkingsverantwoordelijke  begrijpt  dat  er  preventieve  en  doeltreffende  maatregelen  moeten worden  ingebouwd  in  alle  huidige  en  toekomstige  verwerkingsactiviteiten  met  betrekking  tot persoonsgegevens  en  dat  dit  bijdraagt  aan  het  voorkomen  van  dergelijke  incidenten  inzake gegevensinbreuken in de toekomst.

De  verwerkingsverantwoordelijke  treft  deze  veiligheidsmaatregelen  om  juistheid,  integriteit  en vertrouwelijkheid te waarborgen, maar ook om de verspreiding van malware door cyberaanvallen te voorkomen  en  de  oplossing  op  die  manier  robuust  te  maken.  Robuuste  beveiligingsmaatregelen dragen bij aan het vertrouwen van de betrokkenen.

## 3.9 Verantwoordingsplicht 41

86. Het beginsel van verantwoordingsplicht houdt in dat de verwerkingsverantwoordelijke verantwoordelijk is voor de naleving van alle bovengenoemde beginselen en deze kan aantonen.
87. De verwerkingsverantwoordelijke moet de naleving van de beginselen kunnen aantonen. Daarbij kan hij  aantonen  welke  gevolgen  de  genomen  maatregelen  ter  bescherming  van  de  rechten  van  de betrokkenen hebben en  waarom zij passend en doeltreffend  worden geacht. Hij kan bijvoorbeeld aantonen waarom een maatregel geschikt is om het beginsel van opslagbeperking op doeltreffende wijze te waarborgen.
88. Om op verantwoorde wijze persoonsgegevens te kunnen verwerken moet de verwerkingsverantwoordelijke  niet  alleen  de  nodige  kennis  hebben,  maar  ook  het  vermogen  om gegevensbescherming  uit  te  voeren.  Dat  houdt  in dat  de  verwerkingsverantwoordelijke  zijn gegevensbeschermingsverplichtingen op grond van de AVG moet begrijpen en in staat moet zijn deze verplichtingen na te komen.

## 4 ARTIKEL 25, LID 3: CERTIFICERING

89. Overeenkomstig artikel 25, lid 3, kan een overeenkomstig artikel 42 goedgekeurd certificeringsmechanisme worden gebruikt als element om aan te tonen dat aan DPbDD is voldaan. Andersom kunnen documenten die aantonen dat aan DPbDD is voldaan, ook van pas komen in een certificeringsproces. Dit betekent dat, wanneer een verwerkingsactiviteit van een verwerkingsverantwoordelijke  of  een  verwerker  overeenkomstig  artikel 42  is  gecertificeerd,  de toezichthoudende autoriteiten hiermee rekening moeten houden bij hun beoordeling inzake naleving van de AVG, in het bijzonder wat DPbDD betreft.
90. Wanneer een verwerkingsactiviteit van een verwerkingsverantwoordelijke of verwerker overeenkomstig artikel 42 is gecertificeerd, zijn de elementen die bijdragen aan het aantonen van de naleving van artikel 25, leden 1 en 2: de ontwerpprocessen, d.w.z. het proces voor het bepalen van de


middelen voor de verwerking; het bestuur; en  de technische en organisatorische maatregelen ter uitvoering van de gegevensbeschermingsbeginselen. De criteria voor de certificering van gegevensbescherming  worden  bepaald  door  de  certificeringsinstanties  of  de  eigenaren  van  de certificeringsregelingen en vervolgens goedgekeurd door de bevoegde toezichthoudende autoriteit of het  EDPB.  Voor  meer  informatie  over  certificeringsmechanismen  verwijzen  we  de  lezer  naar  de richtsnoeren van het EDPB over certificering 42  en andere relevante richtsnoeren, zoals gepubliceerd op de website van het EDPB.

91. Zelfs wanneer  een  verwerkingsactiviteit  overeenkomstig  artikel 42  is  gecertificeerd, heeft  de verwerkingsverantwoordelijke nog steeds de verantwoordelijkheid om de naleving van de DPbDDcriteria uit artikel 25 voortdurend te monitoren en te verbeteren.

## 5 HANDHAVING VAN ARTIKEL 25 EN GEVOLGEN

92. De  toezichthoudende  autoriteiten  kunnen  de  naleving  van  artikel 25  beoordelen  volgens  de procedures  die  in  artikel 58  zijn  vermeld.  De  bevoegdheden  tot  het  nemen  van  corrigerende maatregelen zijn vermeld in artikel 58, lid 2, en omvatten waarschuwen, berispen, gelasten om de rechten van de betrokkene na te leven, de verwerking te beperken of te verbieden, administratieve geldboetes enz.
93. DPbDD vormt verder een factor bij het bepalen van de hoogte van geldboetes voor inbreuken op de AVG, zie artikel 83, lid 4. 43 44

## 6 AANBEVELINGEN

94. Hoewel  dit  in  artikel 25  niet  rechtstreeks  aan  bod  komt,  worden  verwerkers  en  producenten  ook erkend  als  belangrijke  actoren  die  DPbDD  mogelijk  maken.  Zij  moeten  zich  ervan  bewust  zijn  dat verwerkingsverantwoordelijken  persoonsgegevens  uitsluitend  mogen  verwerken  met  systemen  en technologieën waarin gegevensbescherming is ingebouwd.
95. Bij  het  verwerken  namens  verwerkingsverantwoordelijken  of  het  aanbieden  van  oplossingen  aan verwerkingsverantwoordelijken moeten verwerkers en producenten hun deskundigheid gebruiken om vertrouwen op te bouwen en hun klanten, met inbegrip van kmo's, te begeleiden bij het ontwerpen of aankopen van oplossingen waarmee gegevensbescherming in de verwerking wordt ingebouwd. Dat houdt  ook  in  dat  het  ontwerp  van  producten  en  diensten  moet  stroken  met  de  behoeften  van verwerkingsverantwoordelijken.
96. Bij de uitvoering van artikel 25 mag niet uit het oog worden verloren dat het belangrijkste ontwerpdoel de doeltreffende uitvoering van de beginselen en de bescherming van de rechten van betrokkenen in de passende maatregelen voor de verwerking is. Om de ingebruikname van DPbDD mogelijk te maken


edpb.europa.eu/sites/edpb/files/files/file1/edpb\_guidelines\_201801\_v3.0\_certificationcriteria\_annex2\_en.pdf

43  In artikel 83, lid 2, onder d), van de AVG is bepaald dat bij het vaststellen van de oplegging van geldboetes voor inbreuken op de AVG naar behoren rekening moet worden gehouden met 'de mate waarin de

verwerkingsverantwoordelijke of de verwerker verantwoordelijk is gezien de technische en organisatorische maatregelen die hij heeft uitgevoerd overeenkomstig de artikelen 25 en 32' .


en  te  ondersteunen  raden  wij  verwerkingsverantwoordelijken,  producenten  en  verwerkers  de volgende zaken aan:

- Verwerkingsverantwoordelijken moeten aan gegevensbescherming denken vanaf de eerste fasen waarin zij een verwerkingsactiviteit plannen, zelfs al vóór het moment waarop zij de middelen van de verwerking bepalen.
- Wanneer  de  verwerkingsverantwoordelijke  een  functionaris  voor  gegevensbescherming (DPO) heeft, moedigt het EDPB de actieve betrokkenheid van de DPO bij de aanbestedings- en ontwikkelingsprocedures aan, evenals bij de gehele levenscyclus van de verwerking.
- Een verwerkingsactiviteit kan gecertificeerd zijn. De mogelijkheid om een verwerkingsactiviteit te  laten  certificeren  is  van  toegevoegde  waarde  voor  een  verwerkingsverantwoordelijke wanneer deze moet kiezen tussen verschillende verwerkingssoftware, -hardware, -diensten en/of  -systemen  van  producenten  of  verwerkers.  Producenten  moeten  er  daarom  naar streven DPbDD aan te tonen in de levenscyclus van hun ontwikkeling van een verwerkingsoplossing. Een certificeringszegel kan betrokkenen ook helpen te kiezen tussen verschillende goederen en diensten. De mogelijkheid om een verwerking te laten certificeren kan een concurrentievoordeel opleveren voor producenten, verwerkers en verwerkingsverantwoordelijken,  en  vergroot  zelfs  het  vertrouwen  van  betrokkenen  in  de verwerking van hun persoonsgegevens. Wordt er geen certificering aangeboden, dan moeten verwerkingsverantwoordelijken op zoek gaan naar andere waarborgen dat  producenten of verwerkers de DPbDD-vereisten naleven.
- Verwerkingsverantwoordelijken, verwerkers en producenten moeten hun verplichtingen in acht nemen om kinderen tot 18 jaar en andere kwetsbare groepen van specifieke bescherming te voorzien bij de naleving van DPbDD.
- Producenten  en  verwerkers  moeten  ernaar  streven  de  uitvoering  van  DPbDD  mogelijk  te maken, om het de verwerkingsverantwoordelijke gemakkelijker te maken de verplichtingen uit  artikel 25  na  te  komen.  Verwerkingsverantwoordelijken  mogen  op  hun  beurt  geen producenten of verwerkers kiezen die geen systemen aanbieden die de verwerkingsverantwoordelijke in staat stellen artikel 25 na te leven of hem  daarbij ondersteunen, aangezien verwerkingsverantwoordelijken rekenschap moeten afleggen over de gebrekkige uitvoering daarvan.
- Producenten en verwerkers moeten een actieve rol spelen om ervoor te zorgen dat er wordt voldaan aan de criteria voor de 'stand van de techniek', en zij moeten verwerkingsverantwoordelijken in kennis stellen van alle wijziging en aan de 'stand van de techniek'  die  invloed  kunnen  hebben  op  de  doeltreffendheid  van  de  maatregelen  die  zij hebben ingevoerd. Verwerkingsverantwoordelijken moeten deze vereiste als een contractuele clausule opnemen om ervoor te zorgen dat zij op de hoogte blijven.
- Het EDPB raadt verwerkingsverantwoordelijken aan te eisen dat producenten en verwerkers aantonen hoe hun hardware, software, diensten of systemen de verwerkingsverantwoordelijke  in  staat  stellen  de  verantwoordingsplicht  na  te  leven  in overeenstemming  met  DPbDD,  bijvoorbeeld  door  gebruik  te  maken  van  kernprestatieindicatoren om aan te tonen dat de maatregelen en waarborgen doeltreffend zijn als het gaat om de uitvoering van de beginselen en rechten.
- Het EDPB wijst op de behoefte aan een geharmoniseerde aanpak om de beginselen en rechten doeltreffend uit te voeren, en moedigt verenigingen of instanties die gedragscodes opstellen

in  overeenstemming  met  artikel 40,  aan  om  hierin  ook  sectorspecifieke  richtsnoeren  voor DPbDD op te nemen.

- Verwerkingsverantwoordelijken moeten billijk zijn voor de betrokkenen en transparant over de manier waarop zij doeltreffende uitvoering van DPbDD beoordelen en aantonen, net zoals zij naleving van de AVG aantonen in het kader van het verantwoordingsbeginsel.
- Privacybevo rderende  technologieën  (PET's)  die  volwaardige  maturiteit  hebben  bereikt, kunnen worden ingezet als maatregel overeenkomstig de DPbDD-vereisten als dit passend is binnen  een  risicogebaseerde  aanpak.  PET's  dekken  op  zichzelf  niet  per  definitie  de verplichtingen  uit  artikel 25.  Verwerkingsverantwoordelijken  moeten  beoordelen  of  de maatregel passend en doeltreffend is voor de uitvoering van de gegevensbeschermingsbeginselen en de rechten van betrokkenen.
- Voor  bestaande  legacysystemen  gelden  dezelfde  DPbDD-verplichtingen  als  voor  nieuwe systemen. Als legacysystemen niet al aan DPbDD voldoen en er geen veranderingen kunnen worden doorgevoerd om dit te bewerkstelligen, voldoet het legacysysteem simpelweg niet aan de verplichtingen uit de AVG en mag het niet worden gebruikt om persoonsgegevens te verwerken.
- Artikel 25 verlaagt de eisendrempel voor kmo's niet. De volgende zaken kunnen kmo's helpen te voldoen aan artikel 25:
- o Voer vroegtijdig risicobeoordelingen uit.
- o Begin met kleine verwerkingen en voer later de omvang en complexiteit op.
- o Probeer DPbDD-garanties te krijgen van producenten en verwerkers, zoals certificeringen en naleving van gedragscodes.
- o Kies partners met een goede staat van dienst.
- o Praat met gegevensbeschermingsautoriteiten.
- o Lees richtsnoeren van gegevensbeschermingsautoriteiten en het EDPB.
- o Houd u aan gedragscodes, indien deze beschikbaar zijn.
- o Win professionele hulp en advies in.

Voor het Europees Comité voor gegevensbescherming

De voorzitter

(Andrea Jelinek)

---

## Footnotes

1. De interpretaties die hierin worden verstrekt, zijn eveneens van toepassing op artikel 20 van Richtlijn (EU) 2016/680 en artikel 27 van Verordening 2018/1725.

6. 'Fundamentele beginselen die gelden voor verwerkingsverantwoordelijken (d.w.z. rechtmatigheid, minimale gegevensverwerking, doelbinding, transparantie, gegevensintegriteit, juistheid van de gegevens) blijven gelijk, ongeacht de verwerking en het risico voor de betrokkenen. De nodige aandacht voor de aard en de omvang van die verwerking maakte steeds integraal deel uit van de toepassing van deze beginselen, zodat deze inherent schaalbaar  zijn.'  Groep  gegevensbescherming  artikel 29.  'Verklaring  over  de  rol  v an  een  risicogebaseerde benadering  bij  rechtskaders  met  betrekking  tot  gegevensbescherming.'  WP 218  van  30 mei  2014,  blz. 3. ec.europa.eu/justice/article-29/documentation/opinion-recommendation/files/2014/wp218\_en.pdf

8. Zie het 'Kalkar' -besluit van het Duits Constitutioneel Gerechtshof in 1978:

9. https://www.enisa.europa.eu/news/enisa-news/what-is-state-of-the-art-in-it-security

10. www.teletrust.de/en/publikationen/broschueren/state-of-the-art-in-it-security/

12. 'Richtsnoeren betreffende gegevensbeschermingseffectbeoordeling en om te bepalen of de verwe rking 'waarschijnlijk een hoog risico inhoudt' voor de toepassing van Verordening 2016/679' van de Groep gegevensbescherming artikel 29. WP 248 rev. 01 van 4 oktober 2017.

14. EDPS. 'Richtsnoeren om de noodzakelijkheid en evenredigheid van maatregelen die het recht op gegevensbescherming beperken te beoordelen'. 25 februari 2019.

15. Zie ook: EDPS. 'Assessin g the necessity of measures that limit the fundamental right to the protection of personal data: A Toolkit' https://edps.europa.eu/data-protection/our-work/publications/papers/necessity-

16. Zie voor meer informatie over noodzakelijkheid: Groep gegevensbescherming artikel 29. 'Advies 06/2014 over het begrip 'gerechtvaardigd belang van de voor de gegevensverwerking verantwoordelijke' in artikel 7 van Richtlijn 95/46/EG'. WP 217 van 9 april 2014. https://ec.europa.eu/justice/article-

18. Groep gegevensbescherming artikel 29. 'Advies 05/2014 over anonimiseringstechnieken'. WP 216 van 10 april 2014. https://ec.europa.eu/justice/article-29/documentation/opinionrecommendation/files/2014/wp216\_nl.pdf

20. Zie zaak Satakunnan Markkinapörssi Oy en Satamedia Oy tegen Finland nr. 931/13.

21. Meer voorbeelden zijn te vinden in: Noorse gegevensbeschermingsautoriteit, 'Softwareontwikkeling via gegevensbescherming door ontwerp en door s tandaardinstellingen'. 28 november 2017.

22. https://www.cnil.fr/en/cnil-publishes-gdpr-guide-developers

23. https://www.aepd.es/sites/default/files/2019-12/guia-privacidad-desde-diseno\_en.pdf

24. Meer informatie over de manier waarop het concept transparantie kan worden opgevat, is terug te vinden in: Groep gegevensbescherming artikel 29, 'Richtsnoeren over transparantie in het kader van Verordening 2016/679'. WP 260 rev. 01 van 11 april 2018.

25. De Franse gegevensbeschermingsautoriteit heeft talrijke voorbeelden gepubliceerd van beste praktijken om gebruikers in te lichten, evenals andere transparantiebeginselen: https://design.cnil.fr/en/

26. EDPB. 'Richtsnoeren 2/2019 betreffende de verwerking van persoonsgegevens op grond van artikel 6, lid 1, onder b), van de AVG in het kader van de verlening van onlinediensten aan betrokkenen '. Versie 2.0 van 8 oktober 2019. edpb.europa.eu/sites/edpb/files/files/file1/edpb\_guidelines-art\_6-1-b-adopted\_after\_public\_consultation\_en.pdf

27. Zie het gedeelte hieronder over doelbinding.

28. Zie Richtsnoeren 05/2020 inzake toestemming overeenkomstig Verordening

29. Zie Richtsnoeren 05/2020 inzake toestemming overeenkomstig Verordening 2016/679, blz. 24. https://edpb.europa.eu/our-work-tools/our-documents/guidelines/guidelines-052020-consent-underregulation-2016679\_en

30. Is de oorspronkelijke rechtsgrond toestemming, zie dan Richtsnoeren 05/2020 inzake toestemming overeenkomstig Verordening 2016/679. https://edpb.europa.eu/our-work-tools/ourdocuments/guidelines/guidelines-052020-consent-under-regulation-2016679\_en

31. Zie artikel 6, lid 1, onder b), van de AVG.

32. Zie Richtsnoeren over geautomatiseerde individuele besluitvorming en profilering voor de toepassing van verordening 2016/679.

34. De Groep gegevensbescherming artikel 29 heeft richtsnoeren uitgebracht om het doelbindingsbeginsel in het kader van Richtlijn 95/46/EG toe te lichten. Hoewel het Advies niet door het EDPB is vastgesteld, kan het wel relevant zijn, aangezien de formulering in de AVG dezelfde is. Groep gegevensbescherming artikel 29. 'Advies 03/2013 over doelbinding'. WP 203 van 2 april 2013. ec.europa.eu/justice/article-29/documentation/opinionrecommendation/files/2013/wp203\_en.pdf

41. Zie overweging 74, waar staat dat verwerkingsverantwoordelijken de doeltreffendheid van hun maatregelen moeten aantonen.

42. EDPB. 'Guidelines 1/2018 on certification and identifying certification criteria in accordance with Articles 42 and 43 of the Regulation'. Versie 3.0 van 4 juni 2019.

44. Meer informatie over boetes is te vinden in: Groep gegevensbescherming artikel 29. 'Guidelines on application and setting of administrative fines for the purposes of the Regulation 2016/679'. WP 253 van 3 oktober 2017. ec.europa.eu/newsroom/just/document.cfm?doc\_id=47889 -goedgekeurd door het EDPB.

---
Generated by overview.legal · https://overview.legal/posts/38097 · 2026-08-22
