Recital 34
Content
De desbetreffende nationale autoriteiten moeten dergelijke bevelen tegen als illegaal beschouwde inhoud of bevelen om informatie te verstrekken kunnen uitvaardigen op basis van het Unierecht of het met het Unierecht (met name het Handvest) in overeenstemming zijnde nationaal recht, en deze kunnen richten tot aanbieders van tussenhandeldiensten, ook al zijn zij in een andere lidstaat gevestigd. Deze verordening mag echter geen afbreuk doen aan het Unierecht op het gebied van justitiële samenwerking in burgerlijke of strafzaken, waaronder Verordening (EU) nr. 1215/2012 en een verordening betreffende het Europees bevel tot verstrekking en het Europees bevel tot bewaring van elektronisch bewijsmateriaal in strafzaken, noch aan het nationale strafprocesrecht of burgerlijk procesrecht. Indien die wetgeving op het gebied van strafrechtelijke en burgerlijke procedures voorziet in voorwaarden die een aanvulling vormen op of onverenigbaar zijn met die van deze verordening wat betreft bevelen om op te treden tegen illegale inhoud of om informatie te verstrekken, kunnen de in deze verordening vastgestelde voorwaarden buiten toepassing worden gelaten of worden aangepast. Met name de verplichting van de digitaledienstencoördinator van de lidstaat van de uitvaardigende autoriteit om een afschrift van de bevelen toe te zenden aan alle andere digitaledienstencoördinatoren kan buiten toepassing worden gelaten in de context van strafprocedures of kan worden aangepast indien het toepasselijke nationale strafprocesrecht daarin voorziet.