Recital 125
Content
De bevoegdheden van toezicht op en handhaving van zorgvuldigheidsverplichtingen, andere dan de aanvullende verplichting om systeemrisico’s te beheren die door deze verordening wordt opgelegd aan aanbieders van zeer grote onlineplatforms en van zeer grote onlinezoekmachines moeten worden gedeeld tussen de Commissie en de nationale bevoegde autoriteiten. Enerzijds is het mogelijk dat de Commissie in veel gevallen beter in staat is om systemische inbreuken door die aanbieders aan te pakken, zoals inbreuken die meerdere lidstaten treffen, ernstige herhaalde inbreuken of het niet instellen van doeltreffende mechanismen zoals vereist door deze verordening. Anderzijds kan het zijn dat de bevoegde autoriteiten in de lidstaat waar zich de hoofdvestiging van een aanbieder van een zeer groot onlineplatform of van een zeer grote onlinezoekmachine bevindt, beter in staat is om op te treden tegen individuele inbreuken door die aanbieders, die geen aanleiding geven tot systemische of grensoverschrijdende problemen. Met het oog op efficiëntie, om dubbel werk te voorkomen en om de naleving van het ne bis in idem-beginsel te waarborgen, staat het aan de Commissie te beoordelen of zij het passend acht die gedeelde bevoegdheden in een bepaalde zaak uit te oefenen, en mogen de lidstaten, zodra de Commissie een procedure heeft ingeleid, niet langer de mogelijkheid hebben dit zelf te doen. De lidstaten moeten nauw samenwerken, zowel met elkaar als met de Commissie, en de Commissie moet nauw samenwerken met de lidstaten om ervoor te zorgen dat het bij deze verordening ingestelde toezicht- en handhavingssysteem vlot en doeltreffend functioneert.