Recital 139
Content
Om haar taken doeltreffend te kunnen uitvoeren, moet de Commissie een beoordelingsmarge behouden ten aanzien van het besluit om een procedure in te leiden tegen aanbieders van zeer grote onlineplatforms of van zeer grote onlinezoekmachines. Zodra de Commissie de procedure heeft ingeleid, moeten de digitaledienstencoördinatoren van de plaats van vestiging worden uitgesloten van de uitoefening van hun onderzoeks- en handhavingsbevoegdheden met betrekking tot het betrokken gedrag van de aanbieder van het zeer grote onlineplatform of van de zeer grote onlinezoekmachine, om dubbel werk, inconsistenties en risico's vanuit het oogpunt van het ne bis in idem-beginsel te vermijden. De Commissie moet de digitaledienstencoördinatoren evenwel kunnen vragen om individueel of gezamenlijk bij te dragen aan het onderzoek. Ingevolge de plicht tot loyale samenwerking moet de digitaledienstencoördinator al het mogelijke doen om gerechtvaardigde en evenredige verzoeken van de Commissie in het kader van een onderzoek in te willigen. Bovendien moeten de digitaledienstencoördinator van de plaats van vestiging, alsook de digitaledienstenraad en, waar relevant, andere digitaledienstencoördinatoren de Commissie alle nodige informatie en bijstand verlenen zodat zij haar taken doeltreffend kan uitvoeren, waaronder informatie die is verzameld in het kader van andere acties inzake gegevensverzameling of gegevenstoegang, voor zover de rechtsgrond op basis waarvan de informatie is verzameld dit niet uitsluit. De Commissie moet de digitaledienstencoördinator van de plaats van vestiging en de digitaledienstenraad op haar beurt op de hoogte houden van de uitoefening van haar bevoegdheden, met name wanneer zij voornemens is de procedure in te leiden en haar onderzoeksbevoegdheden uit te oefenen. Bovendien moet de Commissie haar bezwaren tegen de betrokken aanbieders van zeer grote onlineplatforms of van zeer grote onlinezoekmachines meedelen. De digitaledienstenraad moet zijn standpunt over de door de Commissie gemaakte bezwaren en beoordeling kenbaar maken, en de Commissie moet daarmee rekening houden in de redenering die aan haar definitieve besluit ten grondslag ligt.