Telecommunicatie. In deze zaak ging het kort gezegd om het onderscheppen en opnemen van telecommunicatie tijdens een...
ECHR
Case Summary
Telecommunicatie. In deze zaak ging het kort gezegd om het onderscheppen en opnemen van telecommunicatie tijdens een strafrechtelijk onderzoek. Het ging ook hier onder meer om communicatie tussen advocaat en haar cliënt. Hoewel de wet duidelijk en specifiek was (r.o. 52-54), waren er echter onvoldoende waarborgen tegen mogelijk misbruik aanwezig. Er waren onvoldoende details aanwezig die een redelijk vermoeden van het plannen of plegen van een misdrijf konden staven (r.o. 55). Ook blijkt nergens uit het gerechtelijk bevel dat de toetsing van 'noodzakelijk in een democratische samenleving' is getoetst, of enige andere evenredigheidstoets heeft plaatsgevonden (r.o. 56). Het overschrijven van de wettelijke bepaling van de toets is onvoldoende. Met betrekking tot de advocate, dit ging zowel voorafgaand aan het bevel mis (er werd geen melding van gemaakt dat het ging om een advocaat), alsmede achteraf. De enkele melding dat advocaten niet immuun zijn voor surveillance is in het gehele onvoldoende (r.o. 60).