CASE OF SZELÉNYI AND OTHERS v. HUNGARY
ECHR
Deze zaak draait om heimelijke integriteitstoetsen waarbij de Hongaarse overheid ambtenaren en zorgprofessionals undercover kan testen op corruptie, inclusief geheime surveillance (observatie, locatiebepaling, communicatiemetadata), maar zonder rechterlijke machtiging, zonder dat betrokkenen wete...
Case Summary
Deze zaak draait om heimelijke integriteitstoetsen waarbij de Hongaarse overheid ambtenaren en zorgprofessionals undercover kan testen op corruptie, inclusief geheime surveillance (observatie, locatiebepaling, communicatiemetadata), maar zonder rechterlijke machtiging, zonder dat betrokkenen weten of ze doelwit waren, en zonder rechtsmiddel. De klagers betogen dat dit hun recht op privéleven (art. 8 EVRM) schendt. (§ 39) In dit geval zijn er onvoldoende waarborgen aanwezig in de Police Act op basis waarvan deze integriteitstest plaatsvindt om te kunnen spreken over wetgeving die voldoet aan het vereiste van voldoende kwaliteit. De wetgeving legt geen/onvoldoende beperkingen op, wat met zich mee brengt dat men niet kan zeggen dat de inmenging noodzakelijk in een democratische samenleving is. (§80) Aldus is er sprake van een schending van artikel 8 EVRM.