# Gerechtshof Amsterdam, 13-10-2026 (200.344.381)

- Type: Case Law
- Source: Gerechtshof Amsterdam
- Identifier: ECLI:NL:GHAMS:2026:3006
- Date: 2026-10-13
- Original: https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI%3ANL%3AGHAMS%3A2026%3A3006
- Canonical: https://overview.legal/posts/603702

## Summary

Art. 843a (oud) Rv, art. 2l Wet Toezicht Collectieve Beheersorganisaties. Inzageverzoek met betrekking tot licentieovereenkomsten die Buma/Stemra met ‘subscription video on demand’ (SVOD) aanbieders heeft gesloten en andere gegevens met betrekking tot de tarieven die Buma/Stemra met SVOD-aanbieders overeengekomen is. Eindbeschikking. Bepaling wijze van inzage.

## Full text

GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht, team I zaaknummer : 200.344.381/01 zaaknummer rechtbank Amsterdam : C/13/733040 HA RK 23-141 beschikking van de meervoudige burgerlijke kamer van 13 oktober 2026 inzake THE WALT DISNEY COMPANY (BENELUX) B.V ., gevestigd te Amsterdam, appellante, advocaat mr. S.C. van Loon te Amsterdam, tegen 1 [geïntimeerde 2] , 2. [geïntimeerde 1] , beide gevestigd te [plaats] , geïntimeerden, advocaat: mr. A.M. van Aerde te Amsterdam, belanghebbenden: de rechtspersonen naar buitenlands recht NETFLIX INC ., gevestigd te Los Gatos, Californië, Verenigde Staten van Amerika, advocaat: mr. Chr.A. Alberdingk Thijm te Amsterdam, APPLE DISTRIBUTION INTERNATIONAL LIMITED, gevestigd te Cork, Ierland, advocaat: mr. A.P. Groen te Amsterdam. Partijen worden hierna aangeduid als Disney, [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] , Apple en Netflix. 1 De zaak in het kort Disney verzoekt op grond van art. 843a (oud) Rv inzage in de licentieovereenkomsten die [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] met andere ‘ subscription video on demand’ (SVOD) aanbieders heeft gesloten en in andere gegevens met betrekking tot de tarieven die [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] met andere SVOD-aanbieders overeengekomen is. In een tussenbeschikking is het verzoek voor een klein deel toewijsbaar bevonden. In deze eindbeschikking wordt definitief de wijze waarop [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] inzage zal verlenen aan Disney bepaald. 2 Het verdere verloop van het geding in hoger beroep Op 16 juni 2026 is een tussenbeschikking (hierna: de tweede tussenbeschikking) gewezen waarin het procesverloop tot aan die beschikking is vermeld. Partijen, eerst Disney, zijn in de gelegenheid gesteld om zich bij akte uit te laten over twee onderwerpen. Daarop zijn de volgende processtukken genomen: een akte van Disney, met producties; aktes van [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] , Apple respectievelijk Netflix (de laatste met een productie). Ten slotte is uitspraak bepaald. 3 De verdere beoordeling 3.1.1. Disney verzoekt om inzage, afschrift en/of uittreksel van bescheiden die betrekking hebben op de tarieven die [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] hanteert voor het gebruik van muziek op SVOD-diensten in Nederland. 3.1.2. In de eerste tussenbeschikking is geoordeeld dat Disney’s primaire vordering onder b) voor een klein deel toewijsbaar is. Deze vordering ziet op “ elk document (inclusief, maar niet beperkt tot overeenkomsten en correspondentie) dat [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] onder zich heeft waarin criteria en/of kortingen en/of afslagen en/of aftrekposten zijn vermeld die [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] hanteert bij het bepalen van het tarief dat zij aan een SVOD-aanbieder in rekening brengt voor het gebruik van muziekauteursrechten;” Disney heeft alleen rechtmatig belang bij kennisname van de in deze bescheiden vermelde: criteria, factoren en omstandigheden die [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] heeft gehanteerd bij de bepaling van de hoogte van de tarieven die zij heeft aangeboden aan ‘andere SVOD-aanbieders’ (hierna: de Andere SVOD-aanbieders), met inbegrip van eventuele aangepaste aanbiedingen en redenen waarom eventuele kortingen, afslagen en/of aftrekposten zijn aangeboden (hierna tezamen: de Gegevens). 3.1.3. In de tweede tussenbeschikking is overwogen dat de inzage niet ziet op Gegevens die zien op lopende onderhandelingen van [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] met de Andere SVOD-aanbieders. De inzage ziet op de Gegevens met betrekking tot alle Andere SVOD-aanbieders die op of na 1 december 2018 een licentieovereenkomst hadden/hebben met [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] , met inbegrip van eventuele Andere SVOD-aanbieders die in die periode een licentieovereenkomst hadden met [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] en nu niet meer. Voorts is bepaald dat [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] uittreksel zal moeten verschaffen aan Disney en in grote lijnen hoe dat moet gebeuren. 3.1.4. Partijen, eerst Disney, zijn in de gelegenheid gesteld om zich bij akte uit te laten over: (i) de Andere SVOD-aanbieders en (iii) wie als onzijdige, verder tot geheimhouding gehouden persoon (hierna: de Persoon), kan worden aangewezen. Partijen hebben gebruik gemaakt van de geboden mogelijkheid. Het hof ziet geen aanleiding om, zoals Disney vraagt in een niet geregeld verzoek, de door haar aangeduide passages uit aktes van andere partijen als tardief en strijdig met de instructie in de tweede beschikking en de goede procesorde buiten beschouwing te laten. Gelet op hetgeen hierna wordt overwogen, behoeft verder niet te worden beslist op het niet geregeld verzoek van Disney. De Andere SVOD-aanbieders 3.2.1. Partijen verschillen van mening over de vraag of er, zoals Disney stelt, zeventien in deze relevante SVOD-aanbieders (met inbegrip van haarzelf) zijn of dat het er, zo begrijpt het hof, minder zijn. Het hof overweegt daarover het volgende. 3.2.2. Bij de invulling van ‘de Andere SVOD-aanbieders’ – als onderdeel van de in hoger beroep voorliggende vraag naar de reikwijdte van de aan Disney te verlenen inzage op grond van art. 843a (oud) Rv – is het hof niet gebonden aan de beslissing van de rechtbank in de beschikking van 5 oktober 2023 over wie zij (vooralsnog) als belanghebbenden heeft aangemerkt. 3.2.3. Tot uitgangspunt wordt genomen dat de Andere SVOD-aanbieders een voldoende homogene groep is van aanbieders die SVOD-diensten aanbieden. Partijen gaan allemaal ervan uit dat een SVOD-dienst inhoudt dat aan abonnees on demand toegang wordt verschaft tot een catalogus met audiovisuele content. Volgens haar onweersproken toelichting biedt Disney aan abonnees de keuze tot een abonnement zonder reclame en een abonnement met reclame (en een lagere prijs). Die keuzemogelijkheid is niet relevant voor de vraag wie als Andere SVOD-aanbieder geldt, aangezien tot de Andere SVOD-aanbieders onbetwist ook aanbieders van SVOD-diensten behoren die een dergelijke keuze (nog) niet bieden aan hun abonnees, zoals Netflix. 3.2.4. De door andere partijen gemaakte kanttekeningen bij de manier waarop Disney tot de zeventien door haar genoemde aanbieders is gekomen, staan niet eraan in de weg dat deze zeventien aanbieders tot uitgangspunt worden genomen bij de bepaling van de Andere SVOD-aanbieders. Onder de zeventien aanbieders zijn ook aanbieders die SVOD-diensten aanbieden in een bundel met andere diensten, zoals shopping-diensten, lineaire televisie of een UGC-platform ( user-generated content ) (hierna: de Bundelaanbieders). Partijen zijn het niet eens over de vraag of de Bundelaanbieders ook moeten worden aangemerkt als Andere SVOD-aanbieders. Het hof beantwoordt deze vraag ontkennend. Disney biedt met Disney+ geen SVOD-diensten aan als onderdeel van een bredere bundel. De Bundelaanbieders die dat wel doen zijn daarmee onvoldoende vergelijkbaar met Disney. Met de Bundelaanbieders erbij is de groep Andere SVOD-aanbieders onvoldoende homogeen. 3.2.5. [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] noemt in haar akte na de tweede tussenbeschikking (randnummers 14 tot en met 17) vijf Bundelaanbieders. Een paar daarvan zijn ook door Disney als zodanig aangemerkt. Deze vijf aanbieders waren voorts of eerder in deze procedure al onderwerp van debat over de Andere SVOD-aanbieders of kunnen op grond van de screenshots die Disney als prod. 32 in het geding heeft gebracht als Bundelaanbieders worden aangemerkt omdat daarop bijvoorbeeld ‘TV-gids’ en ‘Live’ als opties te zien zijn, wat erop duidt dat de SVOD-diensten als onderdeel van een bundel diensten wordt aangeboden. Deze vijf Bundelaanbieders zijn geen Andere SVOD-aanbieders. De resterende elf (exclusief Disney+) door Disney genoemde aanbieders van SVOD-diensten zijn dat wel. [geïntimeerde 2] [geïntimeerde 1] , Apple en Netflix hebben dat laatste ook niet (voldoende) gemotiveerd betwist. [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] dient dan ook met betrekking tot deze elf Andere SVOD-aanbieders een uittreksel van de Gegevens te verstrekken over de relevante periode (zie rov. 3.1.3.). 3.3. In eerste aanleg zijn ‘alle SVOD aanbieders’ met wie [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] toen een licentieovereenkomst had gesloten aangemerkt als belanghebbenden. Onduidelijk is wie dat zijn, aangezien deze aanbieders zijn vermeld op een lijst die [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] alleen aan de rechtbank heeft overgelegd. [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] , Apple en Netflix menen, zo begrijpt het hof, dat de Andere SVOD-aanbieders die niet reeds partij zijn in dit hoger beroep dan wel die in eerste aanleg niet zijn aangemerkt als belanghebbende, (alsnog) als belanghebbende moeten worden aangemerkt en moeten worden opgeroepen. Het hof zal dat niet doen. Eerder in dit hoger beroep is geen aanleiding gezien om andere partijen dan Netflix en Apple – die partij waren in eerste aanleg en ook door Disney in hoger beroep met haar beroepschrift in rechte zijn betrokken – als belanghebbenden aan te merken. [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] kan immers het belang van de Andere SVOD-aanbieders bij vertrouwelijkheid (vanwege het geheimhoudingsbeding in de licentieovereenkomsten en de concurrentiegevoeligheid van gegevens in de door Disney gevraagde bescheiden) inroepen als een gewichtige reden in de zin van art. 843a lid 4 (oud) Rv die in de weg staat aan toewijzing van Disney’s verzoek. Verder is inmiddels beslist dat Disney alleen rechtmatig belang heeft bij kennisname van de Gegevens en dat het niet de bedoeling is dat Disney ervan op de hoogte raakt welke Gegevens per concrete Andere SVOD-aanbieder een rol hebben gespeeld en al helemaal niet welke tarieven, kortingen of afslagen [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] met Andere SVOD-aanbieders is overeengekomen. Er is dus geen reden om de Andere SVOD-aanbieders die geen partij zijn in dit hoger beroep (alsnog) als belanghebbende aan te merken. De wijze waarop het uittreksel zal worden verschaft 3.4.1. In de tweede tussenbeschikking is in grote lijnen bepaald hoe [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] uittreksel van de Gegevens zal moeten verschaffen aan Disney. Daaraan wordt het volgende toegevoegd. 3.4.2. [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] moet de in rov. 3.7.3 van de tweede tussenbeschikking bedoelde vertaling naar de Engelse taal laten uitvoeren door een beëdigd vertaler. Ook moet zij een verklaring van deze vertaler bij de Lijst voegen die inhoudt dat Gegevens zijn vertaald, vanzelfsprekend zonder te vermelden om welke Gegevens het gaat en vanuit welke taal is vertaald. De met de vertaling gemoeide kosten zijn als kosten van de inzage voor rekening van Disney. 3.4.3. Naar aanleiding van de opmerkingen van Disney over de controle door de Persoon (in rov. 3.7.3. van de tweede tussenbeschikking, hierna: de Opdracht) verduidelijkt het hof dat de Persoon van [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] de ‘zwartgemaakte’ Bescheiden krijgt waarop alleen de Gegevens zichtbaar zijn. In de tweede tussenbeschikking is bepaald dat de Bescheiden (alleen) de afschriften zijn van de pagina’s uit de oorspronkelijke stukken waarin de Gegevens zijn vervat en prints van op een gegevensdrager aangebrachte gegevens (zoals e-mailcorrespondentie). De Opdracht houdt in dat feitelijk wordt vastgesteld dat: 1) alle Gegevens die zijn vermeld in de (verder zwartgemaakte) Bescheiden op de Lijst staan – dat is een kwestie van naast elkaar leggen en tellen – en 2) dat de Gegevens zo nodig zijn vertaald door een beëdigd vertaler, wat te zien is op de Lijst en aan de hand van de in rov. 3.4.2. bedoelde verklaring van de beëdigd vertaler kan worden vastgesteld. Na deze controle moet de Persoon de Bescheiden en de Lijst teruggeven aan [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] , die vervolgens uitsluitend de Lijst aan Disney verstrekt. Het hof ziet geen aanleiding om op de door Disney voorgestane wijze te bepalen dat de Opdracht meer omvat dan deze beperkte feitelijke controle. 3.4.4. Omdat Disney nog altijd uitgaat van een te ruime interpretatie van de Gegevens en kennelijk vreest dat [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] een te enge interpretatie zal hanteren bij het verstrekken van het uittreksel van de Gegevens, geeft het hof nogmaals een verduidelijking op dit punt. De omschrijving van het begrip ‘Gegevens’ is ruim. Zoals eerder overwogen zullen de daadwerkelijk te verstrekken Gegevens naar verwachting bestaan uit een woord, enkele woorden of een zinsnede. Er mag bij het opstellen van het uittreksel geen onderscheid worden gemaakt tussen loutere onderhandelingspunten en wat op grond van art. 2l WTCBO moet worden verstrekt. De inzage strekt nu juist ertoe om nader vast te stellen wat in de eerste tussenbeschikking naar de maatstaf van HR 10 juli 2020, ECLI:NL:HR:2020:1251 voldoende aannemelijk is geacht, te weten dat naast de twee door [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] genoemde criteria ook andere factoren en omstandigheden een rol kunnen spelen in de onderhandelingen over de tarieven. Als dat zo is, heeft [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] mogelijk in strijd gehandeld met art. 2l WTCBO. De inzage en een eventuele daaropvolgende procedure daarover kunnen uitmonden in de conclusie dat dit het geval is, maar ook in de conclusie dat dit niet zo is. 3.4.5. Het hof ziet voorts aanleiding de inzagetermijn aan te passen in de zin dat [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] binnen drie maanden nadat deze beschikking onherroepelijk is de Bescheiden en de Lijst moet verstrekken aan de Persoon en de Lijst binnen vier maanden nadat deze beschikking onherroepelijk is moet verstrekken aan Disney. 3.5. Het is niet nodig dat de Opdracht, die een louter feitelijke controle inhoudt, door een (gespecialiseerd) jurist wordt uitgevoerd, zoals Disney bepleit, overigens uitgaande van een controle die meer omvat dan wat het hof voor ogen heeft. De Opdracht sluit aan bij de werkzaamheden die een deurwaarder pleegt uit te voeren bij inzage in een bewijsbeslag. Geen van partijen stelt echter een deurwaarder voor als Persoon. Aansluiting zoekend bij de uit de uitlatingen van partijen blijkende voorkeur in het geval de Persoon geen jurist is, zal worden bepaald dat de Persoon een registeraccountant moet zijn. Daarbij wordt opgemerkt dat de Opdracht niet inhoudt dat assurance wordt geboden. Het is niet nodig dat de Persoon aan een bepaald (soort) kantoor is verbonden. Wel moet de Persoon volledig onafhankelijk zijn van Disney, [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] , Apple, Netflix en de Andere SVOD-aanbieders en geen huidige of recente adviesrelatie hebben met een van deze partijen of hun groepsmaatschappijen. Ook moet de Persoon voorafgaand aan de benoeming een volledige belangenconflictcontrole uitvoeren, waaruit blijkt dat het de Persoon (en diens kantoor) vrijstaat de Opdracht te aanvaarden en zich schriftelijk onderwerpen aan geheimhouding over wat hij te weten komt bij de uitvoering van de Opdracht. Dat laatste dient te gebeuren in een verklaring die ook inhoudt dat aan de voorgaande drie eisen is voldaan. Het is aan Disney om binnen een maand na het onherroepelijk worden van deze beschikking de Persoon uit te zoeken, de Opdracht te geven aan de Persoon en aan [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] door te geven wie de Persoon is, met verstrekking van de Opdracht en de vereiste verklaring van de Persoon. 3.6. Het hof ziet geen aanleiding om te voorzien in aanvullende waarborgen, zoals voorgesteld door Apple, of om anderszins de wijze waarop het uittreksel zal worden verschaft uitgebreider of (op onderdelen) anders te bepalen dan hierna in het dictum wordt vermeld op basis van hetgeen daarover is overwogen in de tussenbeschikkingen en deze beschikking. Slotsom 3.7. De bestreden beschikking kan niet in stand blijven. Disney’s verzoek zal ten dele worden toegewezen met bepaling door het hof van de wijze waarop het uittreksel zal worden verschaft, een en ander op de wijze zoals in het dictum bepaald. Zoals in de tweede tussenbeschikking is beslist, zal de veroordeling niet uitvoerbaar bij voorraad worden verklaard. Bij nadere bespreking van de grieven bestaat geen belang. Er is geen bewijs aangeboden van stellingen die, indien bewezen tot een ander oordeel leiden. 3.8. Omdat partijen over en weer op punten in het ongelijk zijn gesteld worden de proceskosten in beide instanties gecompenseerd in die zin dat partijen ieder hun eigen kosten dragen. Vordering VI van Disney zoals geformuleerd in het petitum van het beroepschrift is toewijsbaar. 4 Beslissing Het hof: 4.1. vernietigt de bestreden beschikking en, opnieuw rechtdoende: 4.2. beveelt [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] met inachtneming van hetgeen in de tussenbeschikkingen en deze beschikking is bepaald uittreksel aan Disney te verstrekken van de Gegevens die zijn vervat in elk document (inclusief, maar niet beperkt tot overeenkomsten en correspondentie) dat [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] onder zich heeft waarin criteria en/of kortingen en/of afslagen en/of aftrekposten zijn vermeld die [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] hanteert bij het bepalen van het tarief dat zij de Andere SVOD-aanbieders in rekening brengt voor het gebruik van muziekauteursrechten; 4.3. verstaat dat het onder 4.2 bedoelde bevel ziet op de Gegevens met betrekking tot alle Andere SVOD-aanbieders die op of na 1 december 2018 een licentieovereenkomst hadden/hebben met [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] , met inbegrip van eventuele Andere SVOD-aanbieders die in die periode een licentieovereenkomst hadden met [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] en nu niet meer. Gegevens met betrekking tot (thans) lopende onderhandelingen van [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] met de Andere SVOD-aanbieders vallen buiten de reikwijdte van dit bevel; 4.4. verstaat dat wordt verstaan onder: Gegevens: de in de onder 4.2 bedoelde bescheiden vermelde a) criteria, factoren en omstandigheden die [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] hebben gehanteerd bij de bepaling van de hoogte van de tarieven die zij heeft aangeboden aan de Andere SVOD-aanbieders, met inbegrip van eventuele aangepaste aanbiedingen en b) redenen waarom eventuele kortingen, afslagen en/of aftrekposten zijn aangeboden; Andere SVOD-aanbieders: de elf van de zeventien door Disney genoemde aanbieders van SVOD-diensten (exclusief Disney+) die geen Bundelaanbieders zijn (zie rov. 3.2.5.); 4.5. bepaalt dat [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] het uittreksel van de Gegevens moet verstrekken door achtereenvolgens: de Bescheiden – dat zijn afschriften van de pagina’s uit de oorspronkelijke stukken waarin de Gegevens zijn vervat en prints van op een gegevensdrager aangebrachte gegevens (zoals e-mailcorrespondentie) – te verzamelen, waarbij geldt dat de Gegevens (en Bescheiden) niet mogen worden uitgesplitst of gesorteerd per Andere SVOD- aanbieder; alle andere informatie dan de Gegevens ‘zwart te maken’ op de Bescheiden; de Lijst op te stellen van de in de Engelse taal gestelde Gegevens, waarbij zij voor de vertaling van eventueel in een andere taal gestelde Gegevens een beëdigd vertaler moet inschakelen die verklaart dat Gegevens vertaald zijn (zonder te vermelden uit welke taal en om welke Gegevens het gaat); binnen drie maanden na het onherroepelijk worden van deze beschikking: de Bescheiden (volledig zwartgemaakt, afgezien van de Gegevens) en de Lijst voor controle aan te leveren aan de Persoon (een onzijdig, verder tot geheimhouding gehouden persoon, zie 4.7); binnen vier maanden na het onherroepelijk worden van deze beschikking, na de controle door de Persoon en terug ontvangst van de Bescheiden en de Lijst: de Lijst aan Disney te verstrekken; 4.6. bepaalt dat de Opdracht aan de Persoon het volgende inhoudt: het, nadat [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] de Bescheiden (volledig zwartgemaakt, afgezien van de Gegevens) en de Lijst heeft aangeleverd, controleren van de Lijst aan de hand van de Bescheiden, welke controle inhoudt: een feitelijke vaststelling in dat: 1) alle in de Bescheiden genoemde Gegevens op de Lijst staan en 2) zo nodig zijn vertaald door een beëdigd vertaler. Het geven van assurance is geen onderdeel van de Opdracht; 4.7. bepaalt dat de Persoon een registeraccountant dient te zijn die: volledig onafhankelijk is van Disney, [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] , Apple, Netflix en de Andere SVOD-aanbieders; geen huidige of recente adviesrelatie heeft met een van deze partijen of hun groepsmaatschappijen; voorafgaand aan zijn aanstelling een volledige belangenconflictcontrole heeft uitgevoerd, waaruit is gebleken dat het de Persoon (en diens kantoor) vrijstaat de Opdracht te aanvaarden; zich schriftelijk heeft onderworpen aan geheimhouding en in deze schriftelijke verklaring tevens verklaart dat hij aan de a. tot en met c. bedoelde eisen voldoet; 4.8. bepaalt dat Disney binnen een maand na het onherroepelijk worden van deze beschikking de Persoon dient uit te zoeken die aan de onder 4.7. bedoelde eisen voldoet, de Opdracht dient te geven aan de Persoon en aan [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] moet doorgeven wie de Persoon is met verstrekking aan [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] van de gegeven Opdracht en de onder 4.7. sub d. bedoelde verklaring van de Persoon; 4.9. bepaalt dat de kosten van het verstrekken van het uittreksel met de Gegevens door [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] , met inbegrip van de kosten van de beëdigd vertaler en de Persoon, door Disney worden voldaan; 4.10. compenseert de proceskosten in beide instanties in die zin dat partijen ieder hun eigen kosten dragen; 4.11. veroordeelt [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] om binnen zeven werkdagen na betekening van deze beschikking de in eerste aanleg door Disney aan [geïntimeerde 2] / [geïntimeerde 1] betaalde kosten aan Disney terug te betalen; 4.12. wijst af het meer of anders gevorderde. Deze beschikking is gewezen door mrs. L. Alwin, E.M. de Stigter en J.L.M. Groenewegen en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 13 oktober 2026.

---
Generated by overview.legal · https://overview.legal/posts/603702 · 2026-10-22
