Skip to content
Case Law · Rechtbank Amsterdam ·ECLI:NL:RBAMS:2026:7936 NL LLM context A cited markdown file you can paste into your AI assistant (ChatGPT, Claude, a RAG or project knowledge base) to ground it in this document. Contains: this document’s text, its sections with their topics, and the full text of every law provision it applies. Everything links back to its source on overview.legal — legal information, not advice.

Rechtbank Amsterdam, 06-08-2026 (13-155793-26)

Rechtbank Amsterdam
Summary

Vervolgings-EAB uit Tsjechië. De raadsman en de officier van justitie hebben zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. Overlevering toegestaan.

How it connects

Full text

RECHTBANK AMSTERDAM INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER Parketnummer: 13-155793-26 Datum uitspraak: 6 augustus 2026 UITSPRAAK op de vordering van 12 juni 2026 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). Dit EAB is uitgevaardigd op 20 mei 2026 door de District court in Karlovy Vary , Tsjechië (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van: [opgeëiste persoon], geboren op [geboortedag] 1988 in [geboorteplaats] (Slowakije, voorheen: Tsjecho-Slowakije), zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland, nu gedetineerd in [detentieadres], hierna ‘de opgeëiste persoon’. 1 Procesgang De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 23 juli 2026, in aanwezigheid van mr. W.L.M. van Poll, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door een advocaat, mr. M.A.C. de Vilder-van Overmeire, advocaat in Amsterdam en door een tolk in de Tsjechische taal. De rechtbank heeft voor sluiting van het onderzoek ter zitting de gevangenhouding bevolen. 2 Identiteit van de opgeëiste persoon Ter zitting heeft de opgeëiste persoon verklaard dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat hij de Tsjechische nationaliteit heeft. 3 Referte De raadsman en de officier van justitie hebben zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. 4 Grondslag en inhoud van het EAB Het EAB vermeldt een arrest warrant van the District Court in Karlovy Vary van 18 mei 2026 met kenmerk 6 T 32/2026-146. De uitvaardigende justitiële autoriteit verzoekt de overlevering vanwege het vermoeden dat de opgeëiste persoon zich schuldig heeft gemaakt aan een naar Tsjechisch recht strafbaar feit. Dit feit is omschreven in het EAB. 5 Strafbaarheid: feit waarvoor dubbele strafbaarheid is vereist De uitvaardigende justitiële autoriteit heeft het strafbare feit niet aangeduid als lijstfeit. Overlevering kan in dat geval worden toegestaan, als – kort gezegd – voldaan is aan de vereisten dat op het feit naar het recht van de uitvaardigende lidstaat een vrijheidsstraf met een maximum van ten minste twaalf maanden is gesteld en dat het feit ook naar Nederlands recht strafbaar is. De rechtbank stelt vast dat hieraan is voldaan. Het feit levert naar Nederlands recht op: poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen; diefstal door twee of meer verenigde personen. 6 Slotsom De rechtbank stelt vast dat het EAB voldoet aan de eisen van artikel 2 OLW. Verder staan geen weigeringsgronden aan de overlevering in de weg en is geen sprake van een geval waarin aan het EAB geen gevolg mag worden gegeven. De rechtbank staat daarom de overlevering toe. 7 Toepasselijke wetsartikelen De artikelen 45 en 311 Wetboek van Strafrecht en 2, 5 en 7 OLW. 8 Beslissing STAAT TOE de overlevering van [opgeëiste persoon] aan de District court in Karlovy Vary , Tsjechië voor het feit zoals dat is omschreven in onderdeel e) van het EAB. Deze uitspraak is gedaan door mr. E.M. de Bie, voorzitter, mrs. E. van den Brink en L. Baroud, rechters, in tegenwoordigheid van mr. G.S. Haas, griffier, en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 6 augustus 2026. Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open. Zie artikel 23 OLW. Zie onderdeel e) van het EAB.

Similar Content