CASE OF T.H. v. THE CZECH REPUBLIC
ECHR
Case Summary
In deze zaak weigerden de Tsjechische autoriteiten om de persoonlijke numerieke code van T.H., die het geslacht op de identiteitskaart aangeeft, te wijzigen. T.H. identificeert zich als non-binair en wilde de geslachtsaanduiding (en de numerieke code waaruit dat ook bleek) wijzigen van man naar vrouw of naar een neutrale code, maar weigerde de vereiste geslachtsveranderende operatie vanwege mogelijke medische complicaties. Het Hof benadrukte dat het recht op privéleven, inclusief genderidentiteit, beschermd wordt onder art. 8 EVRM en dat staten een positieve verplichting hebben om snelle, transparante en toegankelijke procedures te bieden voor het wijzigen van de geslachtsaanduiding (r.o. 48-49). Het EHRM oordeelde dat het vereisen van sterilisatie of operatie die dat risico met zich meebrengt voor juridische geslachtsherkenning in strijd is met art. 8 EVRM, omdat het de volledige uitoefening van het recht op respect voor privéleven afhankelijk maakt van het opgeven van de fysieke integriteit (r.o. 56). De Tsjechische wetgeving, zoals die tot 30 juni 2025 van kracht was, maakte het onmogelijk voor transgender personen om hun geslacht juridisch te laten erkennen zonder operatie, wat dus leidde tot een schending van art. 8 EVRM (r.o. 60).