Case Law
NL Rechtbank Midden-Nederland - grondslag - UTR 20/2315
Rechtbank Midden-Nederland - Bestuursrecht
Case Excerpts (2)
other
VoetbalTV is een platform op internet waarop amateurvoetbalwedstrijden worden uitgezonden. Verweerder vindt dat eiseres voor het maken van opnames en het uitzenden van voetbalwedstrijden geen geldige grondslag heeft en zij verwerkt daarmee dus onrechtmatig persoonsgegevens. Volgens verweerder maakt eiseres door de opnames inbreuk op de privacy een groot aantal betrokkenen, onder wie veel minderjarige voetballers en rechtvaardigt dit een boete van € 575.000,-.Eiseres stelt dat het opnemen en uitzenden van de wedstrijden valt onder de journalistieke exceptie. De rechtbank oordeelt dat dit niet het geval is, omdat de beelden te weinig nieuwswaarde bevatten. Eiseres stelt verder dat zij een gerechtvaardigd belang heeft om persoonsgegevens te verwerken, zoals bedoeld in artikel 6, eerste lid, aanhef en onder f, van de AVG. Verweerder vindt dat niet. Hij stelt dat het te gelde maken van persoonsgegevens nooit een gerechtvaardigd belang kan opleveren. De rechtbank volgt verweerder hierin echter niet. Dat eiseres een commercieel belang heeft, betekent niet zonder meer dat zij geen gerechtvaardigd belang kan hebben. Het op voorhand uitsluiten van een bepaald belang als gerechtvaardigd belang, is in strijd met de Europese rechtspraak. Verweerder moet een onderzoek doen naar de belangen van eiseres en vervolgens een afweging maken of zij door het uitzenden van de amateurvoetbalwedstrijden de privacy van betrokkenen ontoelaatbaar schendt. De manier waarop verweerder deze toetsing moet uitvoeren volgt uit de in de uitspraak genoemde arresten van het Hof van Justitie.
excerpt
18. Met de strikte toepassing die verweerder hier hanteert, is hij niet toegekomen aan zo’n beoordeling als het HvJ hier omschrijft. Daarmee heeft verweerder het gerechtvaardigd belang dus niet op een open en flexibele manier uitgelegd, zoals wel zou moeten. Hij miskent daarmee dat het begrip ‘gerechtvaardigd’ belang vooral als buitengrens dient voor de beoordeling en niet als een drempel. Er zijn de rechtbank verder ook geen uitspraken bekend waarin het HvJ, zonder nadere beoordeling van de belangen van zowel de verwerker als de betrokkene(n), constateert dat de verwerker in het geheel geen gerechtvaardigd belang heeft bij de verwerking en alleen al daarom onrechtmatig handelt. Verweerders uitleg dat het eiseres in de kern alleen maar gaat om het te gelde maken van persoonsgegevens en dat dit belang nooit een gerechtvaardigd belang kan zijn, gaat eraan voorbij dat het HvJ het op voorhand uitsluiten van bepaalde legitieme belangen nu juist verbiedt. Evenmin volgt de rechtbank de conclusie van verweerder dat de noodzakelijkheidstoets en de belangenafweging zinledig zijn, als wordt aangenomen dat het belang dat eiseres nastreeft een gerechtvaardigd belang is. De rechtbank zal hierna uitleggen waarom zij niet meegaat in dat standpunt.