Skip to content
Case Law · Rechtbank Den Haag ·ECLI:NL:RBDHA:2026:19314 NL LLM context A cited markdown file you can paste into your AI assistant (ChatGPT, Claude, a RAG or project knowledge base) to ground it in this document. Contains: this document’s text, its sections with their topics, and the full text of every law provision it applies. Everything links back to its source on overview.legal — legal information, not advice.

Rechtbank Den Haag, 03-06-2026 (NL24.49440)

Rechtbank Den Haag
Summary

verlengde asielprocedure / Sierra Leone / verweerder heeft onvoldoende toegelicht waarom het verband tussen eisers activiteiten en zijn problemen niet aannemelijk zou zijn / eerder verblijf in Italië ten onrechte tegengeworpen / beroep gegrond

How it connects

Full text

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Rotterdam Bestuursrecht zaaknummer: NL24.29440 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [eiser], V-nummer [nummer], eiser (gemachtigde: mr. M. Taheri), en de minister van Asiel en Migratie , voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. W.A. Kleingeld). De zaak in het kort 1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen het besluit van 27 juni 2024 (het bestreden besluit), waarbij verweerder de asielaanvraag van eiser heeft afgewezen. 2. Eiser is het niet eens met het bestreden besluit. Hij heeft wel degelijk ernstige problemen ondervonden vanwege zijn politieke activiteiten in Sierra Leone en hij loopt gevaar bij terugkeer naar dat land. 3. De rechtbank oordeelt dat het bestreden besluit niet in stand kan blijven en dat verweerder opnieuw op de asielaanvraag van eiser moet beslissen. Het verloop van de procedure 4. Bij besluit van 27 juni 2024 heeft verweerder de asielaanvraag van eiser afgewezen. Verweerder vindt dat eiser moet terugkeren naar Sierra Leone. 5. Eiser heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend. 6. De rechtbank heeft het beroep op 1 juni 2026 op zitting behandeld. Eiser is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Als tolk is verschenen I. Jalloh. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. De beoordeling van het beroep 7. Eiser legt aan zijn asielaanvraag ten grondslag dat hij in Sierra Leone woordvoerder ( public relations officer ) is geweest voor de oppositiepartij APC ( All People’s Congress ), in district 122 in Freetown. Hij vertelde over de APC en bekritiseerde de regering(spartij) SLPP ( Sierra Leone People’s Party ). Nadat eiser hiermee in 2018 was begonnen, werd hij van tijd tot tijd telefonisch bedreigd en op straat aangesproken dat hij daarmee moest ophouden. Eiser beschouwde deze bedreigingen als iets wat er min of meer bij hoorde en zette zijn activiteiten voort. In de late avond van 7 januari 2022 werd eiser op straat aangevallen door drie mannen. Zij zeiden tegen eiser dat hij moest ophouden kwaad te spreken over de SLPP. Eiser werd mishandeld en neergestoken. Een toevallige voorbijganger zag eiser gewond op straat liggen en heeft eiser naar een ziekenhuis gebracht. Na deze gebeurtenis besloot eiser Sierra Leone te ontvluchten. Hij is ondergedoken en zijn vrouw en kinderen zijn verhuisd. In mei 2024 is het huis van eiser in brand gestoken. Nadat eiser zijn reis had geregeld, is hij via Italië naar Nederland gekomen. In Nederland is eiser politiek actief op sociale media. 8. Verweerder gaat uit van de juistheid van de door eiser verstrekte persoonsgegevens en acht het ook aannemelijk dat eiser woordvoerder voor de ACP is geweest. Daarbij merkt verweerder wel op dat eiser slechts lokaal actief was en geen landelijke bekendheid had. Verweerder acht het niet aannemelijk dat eiser gedurende vier jaar geen ernstige problemen heeft ondervonden om vervolgens ondanks zijn betrekkelijk geringe bekendheid zo zwaar mishandeld te worden. Volgens verweerder is het niet aannemelijk dat de aanvallers op 7 januari 2022 handelden namens of in opdracht van de SLPP. Evenmin acht verweerder het aannemelijk dat de SLPP achter de brandstichting zit. Eiser heeft zijn gestelde politieke activiteiten in Nederland niet onderbouwd. Verweerder ziet niet in waarom eiser geen asiel heeft aangevraagd in Italië als hij echt iets te vrezen heeft. 9. De rechtbank stelt vast dat verweerder weliswaar kanttekeningen heeft geplaatst bij eisers verklaringen over zijn politieke activiteiten in Sierra Leone, maar dat verweerder zich niet op het standpunt heeft gesteld dat het woordvoerderschap van eiser voor de ACP, de bedreigingen aan de telefoon en op straat en de aanval op 7 januari 2022 ongeloofwaardig zijn. Ter zitting heeft verweerder desgevraagd verklaard dat hij de geloofwaardigheid van de aanval op 7 januari 2022 in het midden heeft gelaten. Uit de stukken en het bestreden besluit volgt in elk geval niet dat verweerder deze aanval, die door eiser in een later stadium van de procedure is onderbouwd met papieren uit een ziekenhuis, ongeloofwaardig acht en op grond van welke argumenten. Dat eiser slechts lokaal actief was en gedurende vier jaar geen ernstige problemen heeft ondervonden, laat de mogelijkheid open dat voor de bedreigers van eiser op enig moment de maat vol was en dat zij letterlijk tot de aanval zijn overgegaan. Dat de woordvoerder van een oppositiepartij die kritiek uit op de regering(spartij) een zekere bekendheid krijgt – zij het mogelijk slechts lokaal – en bij politieke tegenstanders wrevel oproept, is op zichzelf niet onaannemelijk. Eiser stelt dat hem tijdens de aanval op 7 januari 2022 letterlijk is gezegd dat hij geen negatieve uitlatingen over de SLPP moest doen. Voor zover verweerder zich in het bestreden besluit op het standpunt stelt dat niet aannemelijk is dat er een verband is tussen de aanval op 7 januari 2022 en eisers activiteiten voor de APC en kritiek op de SLPP, is het betreden besluit gelet op het voorgaande niet met de vereiste zorgvuldigheid voorbereid en berust het niet op een deugdelijke motivering. Verweerder heeft overigens ook niet toegelicht wat eiser nog meer had kunnen of moeten doen of verklaren om dat verband in de ogen van verweerder aannemelijk te maken. 10. In het verlengde hiervan geldt hetzelfde voor de brandstichting in eisers huis. Dat sprake was van brandstichting, trekt verweerder niet in twijfel. Verweerder heeft ook niet uitgelegd waarom het door eiser gelegde verband tussen deze brandstichting, eisers politieke activiteiten en de aanval op 7 januari 2022 ongeloofwaardig is of wat eiser had kunnen en moeten doen of verklaren om dit verband in de ogen van verweerder aannemelijk te maken. Ook op dit punt kan het bestreden besluit dus niet in stand blijven. 11. De tegenwerping van verweerder dat eiser in Italië geen asiel heeft aangevraagd houdt geen stand. Het komt regelmatig voor dat asielzoekers via een ander Europees land waar zij geen asiel aanvragen naar Nederland reizen. Waarom dit aan eiser in tegenstelling tot andere asielzoekers kan worden tegengeworpen, heeft verweerder niet toegelicht. Eiser beroept zich in dit verband niet ten onrechte op het gelijkheidsbeginsel. Wat hiervan zij, het bestreden besluit houdt niet in dat eiser kan of moet terugkeren naar Italië, maar naar Sierra Leone. Verweerder heeft gelet op wat onder 9 en 10 is overwogen onvoldoende zorgvuldig onderzocht of en niet deugdelijk gemotiveerd dat dit voor eiser zonder ernstige problemen mogelijk is. De hierop betrekking hebbende beroepsgrond slaagt. 12. Verweerder stelt zich terecht op het standpunt dat eiser zijn gestelde politieke activiteiten in Nederland onvoldoende heeft onderbouwd. Anders dan eisers gemachtigde stelde, kon eiser deze activiteiten ook in beroep onderbouwen met stukken en argumenten. Deze beroepsgrond slaagt in zoverre niet. Omdat het bestreden besluit niet in stand kan blijven, krijgt eiser in dit opzicht feitelijk een herkansing. Hij kan zijn activiteiten in Nederland alsnog onderbouwen en verweerder kan de stukken en argumenten van eiser in dit verband onderzoeken en eiser aanvullend horen als daartoe aanleiding bestaat. Conclusie 13. Het beroep is gegrond. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit wegens strijd met artikel 3:2 en 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht. De rechtbank heeft partijen ter zitting gevraagd of zij de voorkeur geven aan een tussenuitspraak of een einduitspraak als het beroep gegrond is. Eiser geeft de voorkeur aan een einduitspraak en verweerder aan een tussenuitspraak indien uitsluitend sprake is van een motiveringsgesprek. Omdat die laatste situatie zich niet voordoet en gelet op wat onder 12 is overwogen zal de rechtbank eisers voorkeur voor een einduitspraak respecteren. Verweerder zal dan ook met inachtneming van deze uitspraak opnieuw op de asielaanvraag van eiser moeten beslissen. 14. De rechtbank veroordeelt verweerder in de door eiser gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 1.868,00 (1 punt voor het indienen van het beroepschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting, met een waarde per punt van € 934,00- en wegingsfactor 1). Beslissing De rechtbank: - verklaart het beroep gegrond; - vernietigt het bestreden besluit; - draagt verweerder op om met inachtneming van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op de asielaanvraag van eiser; - veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 1.868,00. Deze uitspraak is gedaan door mr. B. van Velzen, rechter, in aanwezigheid van A.S. Ay, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op: Bent u het niet eens met deze uitspraak? Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een beroepschrift. U moet dit beroepschrift indienen binnen 4 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven.

Similar Content