Skip to content
Laws
NL

Recital 121

Recital 121 Recital
NIS2

Content

De verwerking van persoonsgegevens, voor zover noodzakelijk en evenredig met het oog op de beveiliging van netwerk- en informatiesystemen door essentiële en belangrijke entiteiten, kan als rechtmatig worden beschouwd op grond van het feit dat dergelijke verwerking voldoet aan een wettelijke verplichting waaraan de verwerkingsverantwoordelijke onderworpen is overeenkomstig de eisen van artikel 6, lid 1, punt c), en artikel 6, lid 3, van Verordening (EU) 2016/679. De verwerking van persoonsgegevens kan ook noodzakelijk zijn voor de behartiging van de gerechtvaardigde belangen van essentiële en belangrijke entiteiten, alsook van aanbieders van beveiligingstechnologieën en -diensten die namens die entiteiten optreden, op grond van artikel 6, lid 1, punt f), van Verordening (EU) 2016/679, onder meer wanneer een dergelijke verwerking noodzakelijk is voor regelingen voor het delen van cyberbeveiligingsinformatie of de vrijwillige melding van relevante informatie overeenkomstig deze richtlijn. Maatregelen met betrekking tot de preventie, opsporing, identificatie, indamming en analyse van incidenten en de reactie erop, maatregelen om het bewustzijn met betrekking tot specifieke cyberdreigingen te vergroten, uitwisseling van informatie in het kader van herstel van de kwetsbaarheid en gecoördineerde openbaarmaking van de kwetsbaarheid, de vrijwillige uitwisseling van informatie over die incidenten, alsmede cyberdreigingen en kwetsbaarheden, indicatoren voor aantasting, tactieken, technieken en procedures, cyberbeveiligingswaarschuwingen en configuratiehulpmiddelen kunnen de verwerking vereisen van bepaalde categorieën persoonsgegevens, zoals IP-adressen, uniforme resources locators (URL’s), domeinnamen, e-mailadressen en, voor zover hieruit persoonsgegevens blijken, tijdstempels. De verwerking van persoonsgegevens door de bevoegde autoriteiten, de centrale contactpunten en de CSIRT’s kan een wettelijke verplichting vormen of noodzakelijk worden geacht voor de vervulling van een taak van algemeen belang of van een taak in het kader van de uitoefening van het openbaar gezag dat aan de verwerkingsverantwoordelijke is opgedragen op grond van artikel 6, lid 1, punt c) of e), en artikel 6, lid 3, van Verordening (EU) 2016/679, of voor de behartiging van een gerechtvaardigd belang van de essentiële en belangrijke entiteiten als bedoeld in artikel 6, lid 1, punt f), van die verordening. Voorts kunnen in het nationale recht regels worden vastgesteld die het de bevoegde autoriteiten, de centrale contactpunten en de CSIRT’s, voor zover noodzakelijk en evenredig ten behoeve van het waarborgen van de beveiliging van netwerk- en informatiesystemen van essentiële en belangrijke entiteiten, toelaten om bijzondere categorieën van persoonsgegevens te verwerken overeenkomstig artikel 9 van Verordening (EU) 2016/679, met name door te voorzien in passende en specifieke maatregelen ter bescherming van de grondrechten en de belangen van natuurlijke personen, met inbegrip van technische beperkingen op het hergebruik van dergelijke gegevens en het gebruik van geavanceerde beveiligings- en privacybeschermingsmaatregelen, zoals pseudonimisering, of versleuteling wanneer anonimisering het nagestreefde doel aanzienlijk kan beïnvloeden.