Skip to content
Case Law · Rechtbank Amsterdam ·ECLI:NL:RBAMS:2026:1762 NL LLM context A cited markdown file you can paste into your AI assistant (ChatGPT, Claude, a RAG or project knowledge base) to ground it in this document. Contains: this document’s text, its sections with their topics, and the full text of every law provision it applies. Everything links back to its source on overview.legal — legal information, not advice.

ECLI:NL:RBAMS:2026:1762 Rechtbank Amsterdam , 18-02-2026 / 13-316587-25

Rechtbank Amsterdam
Summary

Vervolgings-EAB Oostenrijk, overlevering toegestaan. Geen weigeringsgronden, terugkeergarantie voldoende.

How it connects

3 of 8 paragraphs apply legislation or carry a topic — see them in the full text ↓

Full text 8 paragraphs

Paragraphs carrying a topic or an applied provision show those connections inline Original at the source →

Procesgang

¶1

De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 4 februari 2026, in aanwezigheid van mr. N. Lemmers, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door zijn raadsman, mr. A.M.C.J. Baaijens, advocaat in Utrecht. De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd. Tevens heeft de rechtbank voor sluiting van het onderzoek ter zitting de gevangenhouding bevolen met gelijktijdige schorsing van dat bevel tot aan de uitspraak.

Identiteit van de opgeëiste persoon

¶2

Ter zitting heeft de opgeëiste persoon verklaard dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat hij de Nederlandse nationaliteit heeft.

Grondslag en inhoud van het EAB

¶3

Het EAB vermeldt een gerechtelijk goedgekeurde lastgeving tot aanhouding van [de opgeëiste persoon] van 23 oktober 2025 met kenmerk 709 St 18/25p. De uitvaardigende justitiële autoriteit verzoekt de overlevering vanwege het vermoeden dat de opgeëiste persoon zich schuldig heeft gemaakt aan naar Oostenrijks recht strafbare feiten. Deze feiten zijn omschreven in het EAB.

Strafbaarheid

¶4

Feiten vermeld op bijlage 1 bij de OLW De uitvaardigende justitiële autoriteit wijst de strafbare feiten aan als zogenoemde lijstfeiten, die in Nederland in de lijst van bijlage 1 bij de OLW staan vermeld, te weten: deelneming aan een criminele organisatie; georganiseerde of gewapende diefstal. Uit het EAB volgt dat op deze feiten naar het recht van Oostenrijk een vrijheidsstraf met een maximum van ten minste drie jaren is gesteld. Dit betekent dat een onderzoek naar de dubbele strafbaarheid van de feiten waarvoor de overlevering wordt verzocht, achterwege moet blijven.

De garantie als bedoeld in artikel 6, eerste lid, OLW

¶5

De opgeëiste persoon heeft de Nederlandse nationaliteit en beroept zich op de garantie als bedoeld in artikel 6, eerste lid, OLW. De rechtbank stelt vast dat de opgeëiste persoon zodanige banden heeft met Nederland, dat de tenuitvoerlegging van een eventueel na overlevering opgelegde straf, uit het oogpunt van maatschappelijke re-integratie beter in Nederland kan plaatsvinden dan in de uitvaardigende lidstaat. De opgeëiste persoon heeft immers het centrum van zijn gezinsleven en zijn belangen in Nederland gevestigd. Zijn overlevering kan daarom worden toegestaan, wanneer is gewaarborgd dat de opgeëiste persoon, in geval van veroordeling in de uitvaardigende lidstaat tot een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf na overlevering, deze straf in Nederland mag ondergaan. Het Landesgericht für Strafsachen Wien heeft op 20 december 2025 de volgende garantie gegeven: “In case the wanted person, [de opgeëiste persoon] , born [geboortedag] 1996 , Dutch national, after the surrender is sentenced to an unconditional and irrevocable prison sentence in Austria, he will be allowed to carry out this punishment in the Netherlands (pursuant to the European Framework Decision 2008/909/JBZ, § 29 Abs. 3 EU-JZG).” Naar het oordeel van de rechtbank is deze garantie voldoende.

Slotsom

¶6

De rechtbank stelt vast dat het EAB voldoet aan de eisen van artikel 2 OLW. Verder staan geen weigeringsgronden aan de overlevering in de weg en is geen sprake van een geval waarin aan het EAB geen gevolg mag worden gegeven. Om die reden staat de rechtbank de overlevering toe.

Toepasselijke wetsartikelen

¶7

De artikelen 2, 5, 6 en 7 OLW.

Beslissing

¶8

STAAT TOE de overlevering van [de opgeëiste persoon] aan het Landesgericht für Strafsachen Wien, Oostenrijk, voor de feiten zoals die zijn omschreven in onderdeel e) van het EAB. Deze uitspraak is gedaan door mr. C. Klomp, voorzitter, mrs. L. Baroud en J.T.H. Zimmerman, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.C. Hooibrink, griffier, en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 18 februari 2026. Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.

Similar Content