FSV Inzage. Interne adviezen, juridische analyses die zijn bedoeld om intern te delen, notities die persoonlijke gedachten van medewerkers kunnen persoonsgegevens bevatten
Verzoek om inzage op grond van artikel 15 AVG in persoonsgegevens op de FSV-lijst.
How it connects
References
Cited by
- Richtsnoeren 01/2022 over de rechten van betrokkenen Recht van inzage
- Richtsnoeren 02/2021 inzake virtuele spraakassistenten
- FSV Inzage. Interne adviezen, juridische analyses die zijn bedoeld om intern te delen, notities die persoonlijke gedachten van medewerkers kunnen persoonsgegevens bevatten
- Guidelines 01/2022 on data subject rights - Right of access
- Guidelines 10/2020 on restrictions under Article 23 GDPR
- Guidelines 02/2021 on virtual voice assistants
- Richtsnoeren 10/2020 met betrekking tot de beperkingen krachtens artikel 23 AVG
- Peter Nowak v Data Protection Commissioner
- Peter Nowak v Data Protection Commissioner
- Richtsnoeren 02/2021 inzake virtuele spraakassistenten
- Coordinated Enforcement Action,
- POJAM OSOBNOG PODATKA U TUMAČENJU SUDA EUROPSKE UNIJE
- BVwG - W254 2321912-1
- If it ain’t broke, don’t fix it? Ten improvements for the upcoming tenth anniversary of the General Data Protection Regulation
- PHR - 22/01253
- OLG Wien - 13R70/25x
- OLG Wien - 13R70/25x
- Rb. Den Haag - C/09/689833
- The data subject’s right to access to information under GDPR and the right of the data controller to protect its know-how
- BVwG - W258 2227269-1/39E
- BVwG - W258 2227269-1/39E
- BVwG - W252 2247042-1
- BVwG - W252 2247042-1
- BVwG - W252 2247042-1
- BVwG - W252 2247042-1
- Österreichische Datenschutzbehörde v CRIF
- Belastingdienst mocht volstaan met een overzicht van de verwerkte persoonsgegevens. Onderliggende documenten niet nodig voor de begrijpelijkheid.
- FSV Inzage. Interne adviezen, juridische analyses die zijn bedoeld om intern te delen, notities die persoonlijke gedachten van medewerkers kunnen persoonsgegevens bevatten
- OLG München - 36 U 1054/25 e
- VwGH - VwGH Ro 2025/04/0007-7
- Rb. Den Haag - C/09/689833
- OLG Wien - 13R70/25x
- Belastingdienst mocht volstaan met een overzicht van de verwerkte persoonsgegevens. Onderliggende documenten niet nodig voor de begrijpelijkheid.
- BVwG - W258 2227269-1/39E
- BVwG - W252 2247042-1
- Österreichische Datenschutzbehörde v CRIF
Related across sources
Full text 12 paragraphs
De rechtbank is van oordeel dat het overzicht dat eiser heeft gekregen van zijn persoonsgegevens in de FSV hieraan voldoet. De minister heeft afdoende toegelicht dat de weergave van de persoonsgegevens in het bij het primaire besluit verstrekte overzicht een waarheidsgetrouwe kopie is van de persoonsgegevens in de FSV. Daarbij heeft de minister toegelicht dat de in het overzicht vermelde “aangifte op 7 april 2014” de aangifte inkomensbelasting 2014 van eiser zelf betreft en dat de reden voor de opname van de gegevens van eiser op de FSV mogelijke onregelmatigheden in die aangifte betrof. De “datum opname 25-4-2014” is de datum van opname van eisers persoonsgegevens in de FSV. De melding in de FSV is gedaan door een medewerker van de competente eenheid, te weten Utrecht MKB verzorgingsgebied Midden-midden. Dit was het belastingkantoor dat verantwoordelijk was voor de behandeling van de fiscale aangelegenheden van eiser. In de brief van 29 juli 2023 die de minister aan eiser heeft gestuurd over het onderzoek naar eisers FSV-registratie staat tot slot dat eisers gegevens uit de FSV niet zijn gedeeld met andere organisaties en dat er geen bijzondere persoonsgegevens van eiser in de FSV zijn verwerkt. Naar het oordeel van de rechtbank heeft de minister alle persoonsgegevens in de FSV verstrekt en is het overzicht in die zin volledig en met de gegeven toelichting ook voldoende duidelijk. Deze beroepsgrond slaagt niet.
Het beroep gericht tegen het inzageverzoek van eisers persoonsgegevens in de FSV is ongegrond. Inzage in alle persoonsgegevens waarover de minister beschikt (het beroep met nummer UTR 24/682)
Zoals hiervoor al is overwogen heeft eiser een ruimer inzageverzoek gedaan dan alleen van zijn persoonsgegevens in de FSV. Mede gelet op wat op de zitting is besproken, begrijpt de rechtbank het zo dat eiser ook inzage wil in zijn persoonsgegevens die zijn verwerkt in de achterliggende documenten in de ruimste zin des woords. Het gaat hem er – kort samengevat – om te kunnen achterhalen hoe en waarom hij in de FSV is terecht gekomen. Eiser is van mening dat er meer persoonsgegevens moeten zijn verwerkt dan nu aan hem zijn verstrekt. Wat zijn persoonsgegevens?
Eiser heeft allereerst gesteld dat de minister ten onrechte stelt dat interne adviezen, juridische analyses voor intern gebruik, en notities van de persoonlijke gedachten van medewerkers als zodanig geen persoonsgegevens bevatten, en dat ditzelfde geldt voor verslagen van telefoongesprekken en e-mailcorrespondentie die geen controleerbare of rectificeerbare gegevens over eiser bevatten.
In artikel 4, aanhef en onder 1, van de AVG staat dat onder ‘persoonsgegevens’ alle informatie over een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon wordt verstaan. Als identificeerbaar wordt beschouwd een natuurlijke persoon die direct of indirect kan worden geïdentificeerd, met name aan de hand van een identificator zoals een naam, een identificatienummer, locatiegegevens, een online identificator of van een of meer elementen die kenmerkend zijn voor de fysieke, fysiologische, genetische, psychische, economische, culturele of sociale identiteit van die natuurlijke persoon.
Het Hof van Justitie van de EU (het Hof) heeft in het arrest Nowak overwogen dat het gebruik van de woorden ‘alle informatie’ in de hiervoor genoemde definitie wijst op de bedoeling van de Uniewetgever om een ruime betekenis te geven aan dit begrip, dat zich potentieel uitstrekt tot elk soort informatie, zowel objectieve informatie als subjectieve informatie, in de vorm van meningen of beoordelingen, op voorwaarde dat deze informatie de betrokkene betreft. Deze laatste voorwaarde is vervuld wanneer die informatie wegens haar inhoud, doel of gevolg gelieerd is aan een bepaalde persoon. Het Hof heeft deze uitleg in het arrest F.F. tegen Österreichische Datenschutzbehörde bevestigd en overwogen dat de ruime definitie van het begrip ‘persoonsgegevens’ dus niet alleen de door de verwerkingsverantwoordelijke verzamelde en bewaarde gegevens omvat, maar ook alle informatie die voortvloeit uit een verwerking van persoonsgegevens betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare persoon, zoals de beoordeling van zijn solvabiliteit of betalingsbereidheid.
Het is vaste rechtspraak van de Afdeling dat degene die stelt dat er meer persoons-gegevens moeten zijn, nadat de verwerkingsverantwoordelijke onderzoek naar die persoonsgegevens heeft gedaan en niet ongeloofwaardig heeft medegedeeld dat er niet meer persoonsgegevens zijn, aannemelijk moet maken dat er wel meer persoonsgegevens moeten zijn.
Eiser heeft aangevoerd dat de minister hem een kopie moet verstrekken van de documenten waarin zijn persoonsgegevens voorkomen. Dit volgt de rechtbank niet. Het is vaste rechtspraak - zoals ook hiervoor overwogen in rechtsoverweging 8 - dat de verplichting een ‘kopie van de persoonsgegevens’ te verstrekken op grond van artikel 15, derde lid, van de AVG niet betekent dat een bestuursorgaan verplicht is een kopie te verstrekken van de documenten waarin die persoonsgegevens voorkomen. Een bestuursorgaan mag ook voor een andere vorm kiezen, mits met de gekozen wijze van verstrekking maar aan het doel van artikel 15, derde lid, van de AVG wordt voldaan.
Dit laatste doet zich voor. Eiser heeft verzocht om vergoeding van schade die hij heeft geleden doordat de Belastingdienst zijn gegevens onrechtmatig heeft geregistreerd in de FSV. Dit betekent dat titel 8.4 van de Awb, en daarmee artikel 8:88 van de Awb, niet van toepassing is op het verzoek van eiser, maar het recht zoals dat voor 1 juli 2013 gold.
Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Beslissing De rechtbank: - verklaart het beroep met nummer UTR 23/5571 ongegrond; - verklaart het beroep met nummer UTR 24/682 gegrond; - vernietigt het besluit van 20 december 2023 voor zover daarin geen inzicht is gegeven in de bronnen en ontvangers van de persoonsgegevens van eiser en niet duidelijk is in welke documenten zijn persoonsgegevens voorkomen; - draagt de minister op binnen zes weken na de dag van verzending van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op het bezwaar met inachtneming van deze uitspraak; - wijst het verzoek om schadevergoeding af; - bepaalt dat de minister het griffierecht van € 187,- aan eiser moet vergoeden; - veroordeelt de minister tot betaling van € 1.814,- aan proceskosten aan eiser. Deze uitspraak is gedaan door mr. J.H. Lange, rechter, in aanwezigheid van mr. M.L. Bressers, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 22 april 2025. griffier Rechter Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op: Informatie over hoger beroep Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen. Zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) van 9 augustus 2023, ECLI:NL:RVS:2023:3067. Arrest van 20 december 2017, C-434/16, ECLI:EU:C:2017:994, ro. 34 en
Arrest van 4 mei 2023, C-487/21, ECLI:EU:C:2023:369,
Zie ook bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling van 13 juli 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1974. Zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling van 19 januari 2022, ECLI:NL:RVS:2022:148. Zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling van 3 maart 2021, ECLI:NL:RVS:2021:452. Zie de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 10 juni 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1375.