Naleving van de uit hoofde van deze verordening opgelegde relevante verplichtingen moet kunnen worden gehandhaafd door boetes en dwangsommen. Hiertoe moeten gepaste niveaus van boeten en dwangsommen worden vastgesteld voor niet-naleving van de verplichtingen en voor schending van de uitvoeringsbepalingen, op basis van passende verjaringstermijnen, in overeenstemming met de beginselen van evenredigheid en ne bis in idem. De Commissie en de bevoegde nationale autoriteiten moeten hun handhavingsinspanningen coördineren om ervoor te zorgen dat die beginselen worden nageleefd. Meer bepaald moet de Commissie rekening houden met geldboeten en sancties die voor dezelfde feiten aan dezelfde rechtspersoon zijn opgelegd door middel van een definitief besluit in procedures betreffende een inbreuk op andere Unievoorschriften of nationale voorschriften, om ervoor te zorgen dat de totale opgelegde geldboeten en sancties proportioneel zijn en overeenstemmen met de ernst van de begane inbreuken. Alle door de Commissie uit hoofde van deze verordening genomen besluiten zijn overeenkomstig het Verdrag onderworpen aan toetsing door het Hof van Justitie van de Europese Unie. Het Hof van Justitie moet onbeperkte rechtsmacht hebben ten aanzien van geldboeten en dwangsommen krachtens artikel 261 VWEU.
DSA (NL) Recital NL
Recital 144
Related across sources
Guidance Guidelines 9/2022 on personal data breach notification under GDPR Guidance Guidelines 4/2019 on Article 25 Data Protection by Design and by Default Version 2.0 Adopted on 20 October 2020 Guidance Guidelines 09/2020 on relevant and reasoned objection under Regulation 2016/679 Guidance Guidelines 1/2019 on Codes of Conduct and Monitoring Bodies under Regulation 2016/679 Guidance Guidelines 01/2021 Guidance Guidelines 10/2020 on restrictions under Article 23 GDPR